Historici: nu moeten de archieven open (Gerectificeerd)

Historici zijn vooral geïnteresseerd in wat prins Bernhard niet heeft gezegd tegen zijn gesprekspartners van de Volkskrant, zo blijkt uit een snelle rondgang langs vier historici. Alle vier wijzen er op dat in het gesprek slechts de visie van Bernhard zelf aan bod komt. Dr. H. Wijfjes, onderzoeker aan de Rijksuniversiteit Groningen. ,,Je kunt je afvragen wat op waarheid berust. Hij was niet iemand die zich in de stukken verdiepte. Hij vertelt alles uit zijn blote geheugen.'

Volgens J. Bank, hoogleraar geschiedenis aan de Universiteit van Leiden, zijn vooral een paar kenschetsen van Bernhard's persoonlijkheid opmerkelijk aan de publicatie. ,,Zijn waardering voor Drees was groot, maar ook voor een andere minister-president die hem meer getuchtigd heeft, Den Uyl, spreekt hij nu zijn waardering uit.' Dat is volgens Bank interessant, omdat Bernhard de PvdA maar niks vond.

,,Een probleem dat hij voortdurend heeft', aldus Bank, ,,is dat hij vrienden heeft die hij beter niet zou kunnen hebben. En dat er steeds wijze mannen moeten zijn om hem voor misstappen te behoeden. De Commissie van Drie, die de Lockheed-affaire onderzocht, kritiseert in haar rapport met name het feit dat hij zich begaf in kringen waar dit soort dingen gewoon waren.' Bank refereert aan de deal tussen Bernhard en de toenmalige thesauriër van Juliana, Gijs van Hardenbroek, om voor vier miljoen gulden een bank te kopen en voor het dubbele te verkopen. ,,De oude accountant van het koninklijk huis moest er aan te pas komen om hem te vertellen dat dat niet kon. Ook het verhaal over een topman van Coca-Cola, die hem een Dakota aanbood in ruil voor steun voor een fabriek in Nederland, duidt er op dat Bernhard-kenner Harry van Wijnen gelijk lijkt te hebben als hij zegt dat Bernhard zich al vóór de Lockheed-affaire in kringen begaf waar dergelijke aanbiedingen gewoon waren.'

,,Toen de Nederlandse en Engelse geheime diensten in de jaren dertig onderzoek naar Bernhard deden, noemden zij hem al een Leichtfögel, een lichte vogel, iemand die vatbaar is voor dergelijke invloeden', zegt Bank. Volgens hem heeft het met Bernhard's karakter te maken. ,,Zijn huwelijk met Juliana bezorgde hem een mooi leven; dit is de keerzijde ervan.'

H. Blom, directeur van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie vindt het opvallend dat Bernhard ontkent lid te zijn geweest van de NSDAP, omdat zijn lidmaatschapskaart bekend is. ,,Hij heeft overigens wel gelijk als hij zegt dat hij geen nazi was. Dat geloof ik althans.'

Over Bernhard's motivaties om deze interviews te geven, zeggen de deskundigen dat Bernhard in de laatste jaren van zijn leven waarschijnlijk de behoefte heeft gevoeld om een en ander recht te zetten. Jan Willem Brouwer, als onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis en kenner van de Greet-Hofmansaffaire: ,,Mijn eerste reactie is: het is een zwaar bestaan als prins-gemaal. Deze man heeft dit kennelijk vele jaren opgekropt. Het is denkbaar dat je dan de behoefte voelt een en ander recht te zetten. Maar dat kan niet, dat mag niet!' Hij doelt onder andere op de geruchten over het bestaan van nog meer buitenechtelijke kinderen, zoals het bestaan van twee zoons in Londen.

Wijfjes: ,,Bernhard wilde openheid over zijn leven, maar werd altijd tegengehouden door het kabinet, zijn familie en de RVD. De laatste 5 jaar besteedde hij veel tijd aan het beeld dat na zijn dood over hem zou ontstaan. Bernhard wilde zijn eigen visie geven en daar heeft hij een mooi podium voor gekozen.' Bank: ,,Het is opmerkelijk dat hij over zijn graf heen het beeld wil laten ontstaan dat hij minder onverschillig is geworden over hoe zijn nageslacht over hem denkt. In 2001, het jaar dat hij de gesprekken met Broertjes en Tromp begon, waren er ook een aantal negatieve publicaties over hem verschenen, waaronder die van Kikkert. Kennelijk had hij op zijn oude dag tijd om die te lezen en zich er over op te winden. Hij heeft gekozen voor een unieke vorm door deze postume interviews te geven, en ook aan twee media die je niet zo snel zou verwachten, aangenomen dat het interview met Van Amerongen geen fake is. Op die manier ben je er van verzekerd dat ze met aandacht gelezen worden.'

De historici zijn het er over eens dat er vervolgonderzoek moet komen over Bernhard's uitlatingen. Wijfjes noemt het ,,van staatsbelang' dat er meer duidelijkheid komt over het waarheidsgehalte van de uitlatingen van de prins. ,,Deze publicatie geeft er alle aanleiding voor de archieven open de gooien. Er bestaat grote behoefte aan een evenwichtig beeld. Daar zit men op te wachten. Bernhard heeft de laatste jaren een poging gedaan de roddels over hem de wereld uit te helpen. Maar we weten pas wat er echt gebeurd is als er historisch onderzoek wordt gedaan.'

Bank noemt een voorbeeld van de onduidelijkheid die er nu gerezen is. ,,In het interview met de Volkskrant zegt Bernhard dat hij van de Lockheed-gelden grote bedragen niet gezien heeft, terwijl hij tegen Van Amerongen in De Groene Amsterdammer zegt dat hij de Lockheed-gelden gewoon heeft ontvangen. De volgende fase zou moeten zijn dat historici en biografen nu eens andere archieven openen en zijn beweringen tegen het licht houden. Het is altijd lastig om met contra-bewijs te komen, maar dat is wel nodig.'

Verder zegt hij: ,,De archieven van de voormalige premiers Beel en Gerbrandy, die vandaag deels openbaar worden, zullen waarschijnlijk niet de interviews bevatten die de commissie hield voor haar onderzoek. En juist die zijn interessant. Beatrix was toen achttien jaar en is ook geïnterviewd, maar de privacy van leden van het koninklijk huis wordt altijd beschermd.' Ook Blom wijst op het belang van vervolgonderzoek: ,,Het vandaag verschenen document is belangrijk. Het is authentiek, voorzien van de handtekening van de prins. Het mooiste zou zijn als nu relevante archieven opengingen, maar daar heb ik geen hoop op. Vooralsnog blijven veel stukken in de kast. Dat maakt de zaken wel ingewikkelder.'

Met medewerking van Hanneke Chin-A-Fo, Marije van Dalen, Niek Pas en Derk Stokmans

Rectificatie

Archief Beel

De archiefstukken die gisteren werden vrijgegeven over de Greet Hofmans-affaire zijn niet afkomstig uit archieven van oud-premier Beel, zoals vermeld in de intro van het artikel `De weg Hofmans is de weg van God af' (14 december, pagina 1) en door Jan Bank in het artikel Historici: nu moeten de archieven open (pagina 3).