Furse's flirt

Het is nu of nooit. De London Stock Exchange (LSE, de Londense aandelenbeurs) heeft toegegeven bereid te zijn zichzelf te verkopen na ontvangst van een voorlopig bod van Deutsche Börse (haar Duitse tegenhanger). De Duitsers en LSE's mogelijke andere partner, de Frans-Belgisch-Nederlandse beurscombinatie Euronext, moeten nu kiezen: zij kunnen veel geld op tafel leggen om Europa's toonaangevende aandelenbeurs te worden, of zij kunnen de gelegenheid aan zich voorbij laten gaan en het risico lopen naar het tweede plan te worden verwezen.

De LSE zou niet moeten proberen onder een overname uit te komen en onafhankelijk te blijven, en lijkt daar ook niet op uit te zijn. Een overeenkomst met een van beide rivalen kan tot een aanzienlijke waardevermeerdering leiden. Er zou jaarlijks 60 miljoen pond, (86,8 miljoen euro) ofwel 38 procent, op de kostenbasis van LSE bezuinigd kunnen worden.

Een deel van die opbrengst zou waarschijnlijk met de gebruikers moeten worden gedeeld om de toezichthouders mild te stemmen, maar de huidige waarde van de synergievoordelen bedraagt ruw geschat zo'n 500 miljoen pond, of grofweg zo'n 200 pence per aandeel.

Bovendien zou een combinatie van de LSE met een van beide rivalen een dominante speler opleveren op een markt waar schaalgrootte van doorslaggevend belang is. Londen is nu al Europa's grootste bron van aandelenliquiditeit. Na een fusie met Deutsche Börse of Euronext zou het nog makkelijker moeten zijn om liquiditeit aan te trekken.

Het openingsbod van Deutsche Börse van 530 pence per aandeel zou de aandeelhouders van LSE het leeuwendeel van de potentiële kostenbesparingen doen toekomen. De aandelenkoers was in oktober immers slechts 348 pence. Maar in dit bod komen de strategische voordelen waarschijnlijk niet volledig tot uiting.

De vraag luidt dan ook hoe LSE-topvrouw Clara Furse haar collega Werner Seifert van Deutsche Börse nog dieper in de buidel kan laten tasten. Daarvoor heeft ze een drukmiddel nodig. Tot nu toe is er enige poeha geweest over mogelijke problemen met de toezichthouders – vermoedelijk in een poging een premie in de wacht te slepen voor het risico dat de overeenkomst kan worden geblokkeerd. Maar dit is geen erg geloofwaardig verhaal. Een overeenkomst met welke van de twee concurrenten dan ook zou heel goed passen in de strategie van Brussel, die is gericht op het verwezenlijken van één enkele Europese markt voor financiële diensten.

Het enige echte drukmiddel is een mogelijk tegenbod van Euronext, dat minder geld achter de hand heeft dan Deutsche Börse, maar waarschijnlijk méér synergievoordelen zou kunnen bewerkstelligen, omdat het al actief is in Londen. Bovendien zou topman Jean-François Theodore de LSE-gebruikers ervan kunnen overtuigen dat Euronext klantvriendelijker is.

Furse is al jaren voorzichtigjes met Theodore aan het flirten. De aandeelhouders van de LSE zullen hopen dat hij er nu echt werk van gaat maken.

Onder redactie van Hugo Dixon. Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld.