EU versterken of ondermijnen, dat is de vraag

Het Europese debat over Turkije is vooral een dispuut over de toekomst van de Europese Unie zelf, zo bleek gisteren in het Europees Parlement.

,,Eigenlijk zou ik voor de toetreding van Turkije tot de Europese Unie moeten zijn. Want dat betekent onherroepelijk het door mij zo gewenste einde van die Unie.''

Zó kan de vraag over het Turkse lidmaatschap van de Europese Unie dus ook benaderd worden. De Pool Miroslaw Piotrowski van de anti-Europese fractie voor Onafhankelijkheid en Democratie deed het gisteravond in Straatsburg tijdens het Turkije-debat van het Europees Parlement op deze manier.

Piotrowski ziet niets in een verdere uitbreiding van de EU. Hij vindt Turkije te groot, de bevolking te omvangrijk, te arm, te weinig Europees. Europa kan dat, kortom, niet aan. Maar het idee van een onder alle verplichtingen bezwijkende Unie is voor eurosceptici als Piotrowski wél aantrekkelijk.

In zijn schets van deze uiterste consequentie maakte de Poolse afgevaardigde in elk geval één ding duidelijk: het besluit over het openen van de onderhandelingen met Turkije over het lidmaatschap, dat de 25 EU-regeringsleiders vrijdag moeten nemen, gaat niet zozeer over het kandidaat-land, maar des te meer over Europa zelf.

,,Als de prijs van het Turkse lidmaatschap is dat de huidige Europese Unie erodeert, is die prijs mij te hoog'' , concludeerde de Duitse sociaal-democraat Klaus Hänsch. Hij vertrouwt echter op de veerkracht van de Unie. Als de Turken maar helder wordt gemaakt dat hun land ,,geen brug kan zijn naar het Midden-Oosten, maar een pijler van het Westen''.

Zoals de Portugese christen-democraat Luís Queiró gisteren tijdens hetzelfde debat zei: ,,Het gaat erom hoe ver de grenzen van de Europese Unie gaan: niet alleen de geografische, maar vooral ook de conceptuele.'' En voor het tornen aan dat laatste bestaat angst. In de woorden van een andere Poolse afgevaardigde, de niet tot een fractie behorende Jan Masiel: ,,Ik wil niet dat het grote Turkije mijn land, Polen, gaat beïnvloeden.''

Hoe ziet een toekomstig Europa met Turkije eruit? Volgens de fractieleider van de sociaal-democraten, de Duitser Martin Schulz, niet veel anders dan nu. ,,Als Turkije toetreedt, moet het onze grondwet maken tot hun grondwet. De waarden zoals die in ons handvest staan zullen ook geaccepteerd moeten worden door Turkije.''

Daarmee trok Schulz een diametraal andere conclusie dan zijn christen-democratische collega Hans Gert Pöttering, eveneens van Duitse komaf. Volgens Pöttering zal de Europese Unie zonder meer van karakter veranderen door toegetreding van Turkije. De Deen Mogens Camre van de eurosceptische UEN-fractie geloofde zelfs helemaal niets van de stelling van Schulz: ,,Turkije zal zijn cultuur niet laten vallen. Je kunt geen afstand doen van een cultuur die je al honderden jaren hebt.''

Dat is niet iets om bang voor te zijn, concludeerde op haar beurt de Italiaanse liberale afgevaardigde Emma Bonino. ,,Europa is geen geografisch of religieus project, maar een politiek project. Onze identiteit ligt in de toekomst en Turkije wil daar bij horen. Willen we dat of zeggen we dat we christelijk zijn en sluiten onze deuren voor anderen?''

,,Ja'', antwoordde haar Franse partijgenoot Bernard Lehideux in zijn bijdrage aan het debat: ,,Een land dat voor het grootste deel buiten Europa ligt is niet gewenst. Turkse toetreding zal leiden tot een lange lijst van nieuwe verzoeken om lid te worden van de Unie: de landen rond de Middellandse Zee, Israël, Palestina.''

De Franse sociaal-democraat en oud-premier Michel Rocard, europarlementariër sinds 1994, voegde er nog een dimensie aan toe: Europa, zei hij, is tevens ,,een verzoeningsproces''. Juist dat schept verplichtingen jegens Turkije. Hij was dan geschrokken van de soms ,,agressieve toon'' in het debat. ,,Ik kan wel begrijpen dat Turkije soms verkrampt reageert'', aldus Rocard, die vond dat de positieve aspecten van een EU mét Turkije te veel onderbelicht bleven. ,,Er komt straks een markt van 70 miljoen mensen bij. De economische groei die daardoor in Turkije ontstaat voorkomt dat migranten naar ons toe komen.''

En dan was er natuurlijk nog die andere kwestie: het islamitische karakter van Turkije. ,,De heersende moslimreligie is een hinderpaal voor een democratisch Europa'', zei de Zweed Nils Lundgren (Onafhankelijkheid en Democratie). Hoezo, vroeg de Nederlandse GroenLinkser Joost Lagendijk zich af. ,,Democratie en islam kunnen best samen. Het beste antigif tegen degenen die zeggen dat dit niet kan, is Turkije lid maken van de Europese Unie. Daarmee kunnen we onze bijdrage leveren tegen de botsing der beschavingen''.