Budgetten Britse podia bevroren

Vertegenwoordigers van de Britse podiumkunsten zijn boos dat hun budget voor drie jaar is bevroren. Het ministerie van Cultuur maakte gisteren bekend dat de officiële subsidiënt van de muziek- en theatersector in Engeland en Wales, de Arts Council, zich tot 2009 moet houden aan het huidige budget van 413 miljoen pond (595 miljoen euro).

Bij de huidige inflatie betekent dat over vier jaar een netto verlies van dertig miljoen pond. De maatregel is afgedwongen door Gordon Brown (Financiën), die in de aanloop naar de verkiezingen niet wil dat de overheidsuitgaven verder stijgen. English Heritage, beheerder van cultuur- en natuurmonumenten, krijgt vijf procent minder. Maar regionale musea, die er afgelopen jaren bekaaid zijn afgekomen, krijgen veel extra geld.

John Tusa, directeur van het Barbican-centrum in Londen, noemde het ,,een klap in het gezicht van de uitvoerende kunsten'' die zich steeds bescheiden zouden hebben opgesteld. Het is ook ,,diep onbevredigend dat de kunsten als geheel tegen elkaar worden uitgespeeld'', zei hij. Regisseur Nicholas Hytner, artistiek directeur van het National Theatre in Londen, zei dat het voor toonaangevende theaters die al op bestaansminimum opereren nu nog moeilijker wordt.

Sinds het aantreden van de Labour-regering in 1997 is het budget van de Arts Council verdubbeld. Volgens de regering was dat nodig om de podiumkunsten uit de culturele woestijn te leiden die Tory-regeringen hadden achtergelaten. Dat was echter niet meer dan een inhaalslag, zei Sir Christopher Frayling, voorzitter van de Arts Council. ,,We zijn nu weer terug bij de stop-start-subsidiëring die we achter ons gelaten dachten te hebben'', aldus Frayling gisteren.