Spaanse branie met Trophy beloond

Niet titelverdediger Nederland, maar het dartele Spanje eiste gisteren de Champions Trophy voor zich op. ,,Die gasten zijn zo vreselijk gretig, daar kunnen wij wat van leren.''

Toen hun blozende ploeggenoot Santi Freixa donderdag de gang naar het podium maakte, gingen bij de Spaanse hockeyers de handen triomfantelijk op elkaar. Niet veel later, op het moment dat de 21-jarige spits de aanmoedigingsprijs voor `het talent van 2004' in ontvangst mocht nemen, galmde het `olé! olé!' door de zaal. Bondscoach Maurits Hendriks keek grinnikend toe.

Met zoveel branie traden de Spanjaarden zelden voor het voetlicht, erkende de coach die vier jaar geleden ondanks het behaalde goud in Sydney door Nederland bij het grof vuil werd gezet. ,,Die bluf heeft altijd ontbroken'', sprak Hendriks zaterdag, een dag voor de finale van de strijd om de Champions Trophy in Lahore. ,,Ze misten domweg de overtuiging om, zoals zes jaar terug in de WK-finale [tegen Nederland], een 2-0 voorsprong over de streep te brengen.''

Maar Spanje heeft inmiddels leergeld betaald. Met dank aan Hendriks, die in maart 2001 aantrad als technisch directeur en een jaar later, na het WK-debacle in Maleisië (elfde), het roer overnam van Toni Forellat. De oud-doelman van DKS (De Kromme Stok) leerde de taal, maakte zich de Spaanse cultuur eigen en kneedde een ploeg die de aansluiting hervond met de wereldtop.

Vorig jaar kwam de omslag. Op de winst van de Champions Challenge, het kwalificatietoernooi voor de Champions Trophy, volgde een verdienstelijke tweede plaats bij het EK in eigen land, onder meer ten koste van het intern verscheurde Nederland. Afgelopen zomer, bij de Olympische Spelen, liet Spanje in de voorronde de beste indruk achter van alle twaalf deelnemende landen, maar strandde de opgebrande ploeg in de halve eindstrijd tegen Australië.

Gisteren, ten overstaan van bijna 25.000 enthousiaste Pakistanen, zette het balvaardige Spanje, althans voorlopig, de kroon op het werk met het winnen van de Champions Trophy. In verreweg de beste wedstrijd van het toernooi wist Hendriks' elftal zoveel druk, kracht en vernuft aan de dag te leggen dat Nederland geen moment in het vertrouwde ritme kwam, en uiteindelijk van geluk mocht spreken dat het bij een 4-2 nederlaag bleef.

Het verlies was ook deels eigen schuld. De titelverdediger verzuimde door te drukken toen Taeke Taekema vlak na rust, uit Nederlands eerste en enige strafcorner, de 1-1 aantekende en de opponent even wankelde. Maar onder aanvoering van aanvoerder Juan Escarré (35) hervond Spanje echter de agressie, en kon de tweemaal trefzekere Freixa het zich zelfs permitteren om twee minuten voor tijd een strafbal te missen.

Terwijl de rest van de selectie na het laatste fluitsignaal een vrolijk dansje maakte, liep Escarré rechtstreeks in de armen van Hendriks, de coach die hij als het brein achter het succes beschouwt. ,,Tot voor kort deden we maar wat; we speelden met ons hart, niet met ons hoofd'', liet de routinier vorige week al weten. ,,Onder Maurits zit er eindelijk een gedachte achter ons spel.''

Maar om de achterstand goed te maken, speelde Hendriks wel met vuur, toen hij ruim twee jaar geleden met het jonge, onervaren Spanje ,,in een achtbaan'' stapte. ,,Ik heb ze met zoveel informatie bestookt dat het af en toe te veel werd.'' Bij de rentree in het elitetoernooi (na een afwezigheid van vier jaar) liet hij de teugels dan ook bewust vieren. Een van de sleutels tot het succes ligt in de wijziging die Hendriks kort na zijn aantreden doorvoerde in de Spaanse liga: hij introduceerde play-offs. ,,Wie de kunst van het winnen wil beheersen, moet finales leren spelen. Alles-of-niets-wedstrijden in de eigen competitie zijn daarvoor het aangewezen middel. Het is geen toeval dat de successen van Nederland zo ongeveer begonnen vlak nadat de bond koos voor play-offs.''

Toch arriveerde Spanje anderhalve week geleden met maar liefst acht nieuwe gezichten. Meest opvallende nieuwkomer: Sergi Enrique. Een dag voor het begin van de jaarlijkse strijd tussen de zes sterkste hockeynaties gaf Hendriks al hoog op over de pas 17-jarige verdediger, die bij het door Spanje gewonnen EK voor junioren tot beste speler werd uitgeroepen. ,,Dat wordt een hele grote'', voorspelde de 43-jarige coach. ,,Zoveel rust, zo flegmatiek ook; een beetje zoals [Nederlands ex-international] Erik Jazet in zijn beste dagen. En een pass! De jongste van het stel, maar de hardste klap van allemaal.''

Sander van der Weide bleek na afloop van het Nederlandse foutenfestival niet verbaasd over het machtsvertoon van Spanje. ,,Die gasten hebben nog nooit wat gewonnen en zijn daarom vreselijk gretig; daar kunnen wij nog wat van leren'', zei de 28-jarige verdediger die gisteren aasde op zijn zesde Champions Trophy en sinds september in de Spaanse competitie speelt bij Real Club de Polo.

Ook bondscoach Terry Walsh signaleerde na afloop van de tweede verloren finale (na `Athene') op rij ,,een soort sluipende mentale vermoeidheid''. De afzwaaiende Australiër vergeleek het nu al bijna tien jaar succesvolle Nederlandse hockey met een voortrazende trein, waar ,,jongere spelers eenvoudig instappen, maar het lastig krijgen in geval van tegenslag''.

Jeroen Delmee kon die woorden slechts beamen. ,,We zijn vandaag simpelweg afgestraft voor onze wisselvalligheid en de fouten die we al het hele toernooi maken, maar die tot dusver zonder gevolgen bleven'', zei de 303-voudig international, die in Lahore opnieuw bewees vooralsnog onmisbaar te zijn in de nationale ploeg.