Spreekkoren

Niets schijnt makkelijker en leuker dan akelige dingen roepen vanaf voetbaltribunes. Het is anoniem en alle zorgen van de laatste weken zijn er meteen uit. Dit verschijnsel is nooit populair geweest bij machthebbers, omdat de geachte normen van fatsoen met voeten worden getreden of omdat juist die heersende macht ondubbelzinnig wordt aangevallen.

Op de dag dat het Nederlands elftal voor de eerste keer van de Engelsen won, hieven de gelukkige toeschouwers met liefde een spreekkoor aan. Het was 24 maart 1913 en in Den Haag won Oranje met 2-1. Beide doelpunten waren van Spartaan Henri de Groot, bijnaam Huug. Dat lag lekkerder in de mond en daarom rolde het ,,Húúúúúg'' over ieders tong. Een ouder Nederlands voorbeeld van spreekkoren ken ik niet.

Niemand die hier moeite mee had, maar in 1934 veroorzaakten Nederlandse supporters een enorme rel toen Oranje voor de negende keer de Belgische doelman Vandeweijer passeerde. ,,Tien! Tien! Tien!'', dreunde voor de eerste keer door een Nederlands stadion. `Velen hebben dat uitermate onsportief gevonden en in de pers, zowel als door de radio, is daartegen een grote actie gevoerd', schreef voetbalverslaggever ir. A. van Emmenes. Wraakzuchtige Belgen schreeuwden enkele maanden later hetzelfde toen hun ploeg met 1-0 voorkwam tegen Oranje, maar helaas voor hun won Nederland met 2-4. Een ouder Nederlands voorbeeld van discussie over spreekkoren ken ik niet.

Door spreekkoren is een Nederlandse voetbalclub zelfs zijn naam kwijtgeraakt. We komen nu wel in oorlogstijd. De letter J in Roda JC staat voor Juliana uit het Limburge Spekhol-zerheide. Na de Duitse inval riepen de supporters heel dubbelzinnig ,,Hup Juliana, naar voren!'' Het ging hier natuurlijk meer over het koningshuis dan over hun team en dat snapten de Duitsers ook. Daarom heette Juliana tijdens de oorlogsjaren Spekhol-zerheide. Een ingrijpender Nederlands voorbeeld van spreekkoren ken ik niet.

Nederlandse krijgsgevangen in Duitsland die een beetje konden voetballen werden opgenomen in een zogenaamd nationaal elftal. Vijftien wedstrijden speelde dit `Oranje' en Hollandse supporters schreeuwden bij die wedstrijden soms anti-Duitse leuzen. Kees Volkers schreef over een `interland' tegen `Frankrijk': `De rijen der supporters sloten zich en allengs nam de lange wandeling naar het voetbalstadion de vorm aan van een vrolijke demonstratieve optocht van enkelen duizenden buitenlanders, die de gelegenheid aangrepen om de doordeweekse frustraties van zich af te zingen met vaderlandslievende teksten en spotliederen op de Duitsers.' Ook in het stadion was het onrustig, maar de politie kon niemand arresteren. Het was te druk en te anoniem. Een merkwaardiger Nederlands voorbeeld van spreekkoren ken ik niet.

Na alle recente incidenten komt nu een werkgroep met aanbevelingen wat wel en niet meer op de tribunes mag worden geroepen. Enigszins begrijpelijk, maar toch ben ik benieuwd hoe weinig dat gaat uitrichten.

jurryt@xs4all.nl