Ruige rock van langharig tuig

Hoe hip een rockgroep door het publiek wordt gevonden, is veel belangrijker voor hun succes dan hoe goed ze musiceren. De lethargische Kings Of Leon trokken eerder deze week een vol Paradiso, omdat de breed uitgemeten houterigheid van deze mooie jongens kennelijk cool wordt gevonden. Het southern rock-genre waaraan deze zelfbenoemde Kings met veel pose en weinig inhoud proberen te ruiken, wordt een veel grotere dienst bewezen door de knoestige rockgroep Raging Slab.

In het bijna twintigjarig bestaan zoog dit viertal alle zuidelijke Amerikaanse blues- en rockinvloeden in zich op, van Howling Wolf tot Little Feat en van Allman Brothers tot ZZ Top. Boogiën doen ze alsof het hun tweede natuur is. Maar Raging Slab bestaat uit afzichtelijk langharig tuig, kansloos om het ooit nog tot snoepje van de week in de Britse stijlbijbel New Musical Express te schoppen.

In het bovenzaaltje van Paradiso trok Raging Slab gisteren voornamelijk ander langharig tuig. Echte kenners, dus. Wat kunnen ze fantastisch spelen en wat zijn ze lelijk: zanger/gitarist Greg Strzempka met zijn Klukkluk-staartjes onder een doorleefde vetlederen cowboyhoed, bassist Alec Morton met ogen als geniepige streepjes achter een gordijn van haar en vooral slide-gitariste Elyse Steinman, een met vossenstaarten behangen trol in afgeleefde hot pants. En zo hoort het ook, want de muziek van Raging Slab is intens gemeen.

Strzempka verontschuldigde zich dat hij zo vroeg op de avond nog niet genoeg whisky had gedronken. Toch kwam er al meteen zo'n doorrookte grom uit zijn keel dat het met het bluesgevoel wel goed zat. Steinman speelde een bijtende partij slide, strooiend met vuile blikken naar haar medebandleden. Eigenlijk ambieert ze de rol van zangeres, een misvatting die ze met haar uitgewoonde stembanden mocht botvieren op klassiekers als Sonny Boy Williamsons `Good morning little schoolgirl'. `Schoolboy' werd het in haar geval, obscener dan het ooit uit de mond van de ruigste machorocker heeft geklonken.

Op cd gaf Raging Slab in 1994 een visitekaartje af met het nooit verbeterde album Dynamite Monster Boogie Concert. Een titel die alles zegt, ware het niet dat de groep in Paradiso weinig tijd had, omdat er plaats moest worden gemaakt voor een stijf zitconcert van John Cale. Geen probleem: Raging Slab propte alle monsterlijke boogieklanken en giftige gitaar-riffs in een veelbewogen uur.

`Born on the bayou' klonk alsof de moeraswalmen nog uit de ongewassen kleren van de vier bandleden wasemden. Aan niets was meer te horen dat Raging Slab eigenlijk uit het beschaafde New York komt, en helemaal niet uit een asociaal trailerpark aan de verkeerde kant van de Mississippi.

Concert: Raging Slab. Gehoord: 9/12 Paradiso, Amsterdam. Herhaling: 10/12 De Gloppe, Leeuwarden.