Japan wil vrede en blijft leunen op VS

Japan heeft vandaag zijn nieuwe defensienota gepresenteerd. Die markeert de overgang van een abnormaal naar een normaal land.

De veranderingen in het Japanse defensiebeleid zijn ,,hevig'' dezer dagen, zei de Zuid-Koreaanse defensiespecialist Yun Duk-min vorige week op een symposium in Tokio. De veranderingen zijn zo fundamenteel, meende Yun, dat we eigenlijk moeten spreken over 2004 als ,,het geboortejaar van een Japans defensiebeleid''.

Vandaag publiceerde de Japanse regering een nieuw defensieplan, waarin veranderingen die de afgelopen tijd reeds gestalte kregen, zijn vastgelegd. Het plan vervangt een tien jaar oud document en onderbouwt de overgang van passieve defensie van het eigen grondgebied naar de wens een actieve rol te spelen in de internationale veiligheidspolitiek.

Centraal staan ,,nieuwe dreigingen'' als ,,internationale terreur''. Als achtergrond van deze terreur schetste minister Yoshinori Ono van Defensie vandaag op een persconferentie ,,conflicten van religieuze of etnische aard''. Japan moet proberen te voorkomen dat dit soort conflicten uitbreken, zei Ono, en als dat toch gebeurt, voorkomen dat ze tot op Japans grondgebied doordringen. Dat betekent het nastreven van een actieve internationale rol, want ,,wereldwijde vrede is Japans vrede'', stelde Ono.

Japan brengt dat uitgangspunt al in de praktijk in Irak, waar een kleine eenheid zich bezig houdt met humanitair werk. De grondwet verbiedt gewapend ingrijpen, maar de grondwet zelf staat in Japan ook ter discussie. Kritische geesten als oud-diplomaat en commentator Hisahiko Okazaki zien als doel van de troepenzending alleen het ,,versterken van de Japans-Amerikaanse alliantie''. ,,De gevoelens van de Amerikaanse bevolking zijn belangrijker voor Japan'', zei Okazaki eerder deze week, ,,dan de gevoelens van de Arabieren''. Ook het nieuwe defensieplan noemt de alliantie met de VS als belangrijkste pijler van de Japanse veiligheid.

Een tweede dreiging ziet Japan in de buurlanden China en Noord-Korea. Het is ,,noodzakelijk om China in het oog te houden'', omdat het ,,zijn operatiegebied op zee uitbreidt en tegelijkertijd modernisering doorvoert van marine, luchtmacht, raketten en kernwapens''. China en Japan hebben geen overeenstemming over hun zeegrens. Activiteiten van Chinese marineschepen in gebied dat Japan claimt, nemen de laatste tijd toe, waarbij China zich weinig lijkt aan te trekken van Japanse klachten.

De Japanse hoogleraar Ikuo Kayahara constateert dat China zijn eerste verdedigingslinie naar voren opschuift. Terwijl de Chinese strategie vroeger was gebaseerd op het uitputten van een tegenstander diep in eigen land, stelt de Japanse luitenant-generaal b.d., wil China nu een eerste verdedigingslinie op zee langs de Japanse Ryukyu Archipel, Taiwan en de Filippijnen. In de toekomst moet die linie nog verder opschuiven, zodat bij een conflict rond Taiwan Amerikaanse vliegdekschepen al kunnen worden tegengehouden vóór ze Taiwan bereiken.

De Noord-Koreaanse dreiging bestaat uit ballistische raketten, zoals Japan in 1998 merkte toen Noord-Korea bij wijze van test een raket afvuurde die over Japan heen vloog. De dreiging wordt nog groter als Noord-Korea succesvol blijkt in het ontwikkelen van een kernwapen dat op deze raketten zou kunnen worden gemonteerd. Japan heeft zich daarom aangesloten bij de Amerikaanse ontwikkeling van een raketschild, waarvoor het nu een einde maakt aan een 30 jaar oud verbod op wapenexport.

De veranderingen in Japans defensiebeleid markeren ,,de overgang van een `abnormaal' naar een `normaal' land'', zei Yun Duk-min vorige week. Yun, hoogleraar aan het onderzoeksinstituut voor internationale relaties van de Zuid-Koreaanse overheid, zei zich geen zorgen te maken over ,,een terugkeer naar het verleden'' van Japan, dat in 1910 Korea annexeerde en allengs tot een militaristische dictatuur uitgroeide. ,,Japan is een democratie'', stelde Yun.

Zelfs de Japanse regering vindt het nodig dit punt te benadrukken. Het ,,garanderen van civiele controle'' over het leger, zei minister Ono vandaag, is van groot belang bij het doorvoeren van allerlei veranderingen op basis van het nieuwe defensieplan, bijvoorbeeld bij het stroomlijnen van de commandostructuur om effectiever op te treden.

De Koreaan Yun heeft echter wel een verzoek aan Japan. ,,Er is meer publieke diplomatie nodig van Japanse kant om de buurlanden gerust te stellen'', zei hij vorige week op het symposium. Ook pleitte hij voor ,,constructief gedrag in de regio'' van Japan.

,,Het belangrijkste voor de regio is een stabiele relatie tussen Japan en China. Momenteel bestaat die niet. Economisch worden we meer en meer afhankelijk van elkaar. Dit moet worden opgevolgd door samenwerking op veiligheidsgebied'', aldus Yun.

Er is geen forum in Oost-Azië voor discussie over veiligheidskwesties. Tegenover reus China staan Japan en Zuid-Korea die beide afzonderlijk een veiligheidsalliantie met de Verenigde Staten onderhouden. Met de huidige opkomst van China ziet Yun vooral Japans-Chinese rivaliteit opkomen, waarbij Korea zich voelt ,,als een garnaal tussen twee vechtende walvissen.''