Bravo voor optreden EU en VS in Oekraïne

De gezamenlijke inspanning die Amerika en de EU in Oekraïne hebben laten zien, geeft vertrouwen voor de toekomst, meent Robert Kagan.

In het drama dat zich in Oekraïne voltrekt, hebben de regering-Bush en de Europese Unie een opmerkelijk staaltje transatlantische samenwerking laten zien. Als de Oekraïeners uiteindelijk hun stem uitbrengen in een vrije en eerlijke verkiezing en daarmee de terugkeer beletten van een autoritair Russisch imperium langs de grenzen van het democratische Europa, zal dit zo'n zeldzaam keerpunt in de geschiedenis zijn waarbij een dreigende ramp in een schitterende kans wordt omgezet. En dat zou niet gebeurd zijn zonder de gezamenlijke inspanningen van de Verenigde Staten en de Europese Unie, die Vladimir Poetin en zijn collaborateurs `met zachte drang' hebben bewogen om hun knullige staatsgreep af te blazen.

Misschien is dit de echte toekomst van de transatlantische samenwerking. De laatste jaren hebben denkers en diplomaten aan weerszijden van de Atlantische Oceaan serieus geprobeerd het oude strategische bondgenootschap uit de Koude Oorlog te herstellen, al was het dan gericht op een andere verzameling vijanden.

Amerika heeft Europese troepen naar Afghanistan gedreven – waar ze het zat beginnen te worden – en geprobeerd ze naar Irak te drijven – waar ze niet heen willen. `De grenzen over of weg ermee' (out of area or out of business) was in de jaren '90 de mantra van de regering-Clinton voor de NAVO. Maar het is best mogelijk dat dit oude recept niet meer zal werken voor het nieuwe `postmoderne' geheel dat Europa inmiddels is. Behalve op handelsgebied is Europa geen wereldmacht in de traditionele geopolitieke zin dat het tot ver buiten zijn grenzen macht en invloed uitoefent. Zo'n rol wordt door weinig Europeanen zelfs ook maar geambieerd.

Dat wil zeggen dat de Amerikanen eens en voor altijd hun onzinnige zorgen zouden moeten vergeten over de opkomst van een vijandige EU-grootmacht – Europa zal niet vijandig zijn en het zal ook geen grootmacht in de traditionele zin worden. Dit betekent tevens dat de Amerikanen niet meer mogen verwachten dat Europa buiten zijn eigen omgeving veel van de mondiale strategische last op zijn schouders neemt.

Maar de crisis in Oekraïne laat zien welke enorme en cruciale rol Europa kan spelen – en speelt – bij de bepaling van de politiek en de economie van de landen en volken langs zijn almaar verschuivende grens. Dat is geen kleinigheid. Integendeel, dat is niet alleen voor de Europeanen maar ook voor de VS een taak van monumentaal strategisch belang.

Door historisch en geografisch toeval wordt het Europese paradijs aan drie kanten omgeven door een weerbarstige wirwar van mogelijk rampzalige problemen, van Noord-Afrika via Turkije en de Balkan tot de steeds meer betwiste grenzen van de vroegere Sovjet-Unie. Dit is een ongeëvenaarde crisisstrook, vooral nu Poetin aanstuurt op een herstel van het oude Russische rijk. Bij de bestrijding van deze gevaren beschikt Europa over een uniek soort macht – niet de dwang van militaire druk maar de macht van de aantrekkingskracht. De Europese Unie is een reusachtige politieke en economische magneet geworden waarvan de grootste kracht de aantrekkingskracht is die ze op haar buren uitoefent. De huidige buitenlandse politiek van Europa richt zich op uitbreiding; het machtigste werktuig van die buitenlandse politiek is wat de Brit Robert Cooper, die nu EU-buitenlandcoördinator Solana adviseert, ,,de verlokking van het lidmaatschap'' noemt.

Cooper omschrijft de EU als een liberaal, democratisch, vrijwillig imperium dat zich voortdurend naar buiten uitbreidt naarmate andere landen zich erbij willen voegen. Terwijl dit Europa zich uitbreidt, absorbeert het de problemen en conflicten, waarmee het afwijkt van de Amerikaanse stijl, die veeleer de rechtstreekse confrontatie aangaat. De verlokking van het lidmaatschap, merkt hij op, heeft bijgedragen tot stabilisering van de Balkan en is van invloed geweest op de politieke koers van Turkije.

De wens van het Turkse volk om lid van de EU te worden, heeft geleid tot aanpassing van de Turkse wetgeving en tot een uitbreiding van rechten, teneinde te voldoen aan de Europese normen. Het expansieve karakter en de aantrekkingskracht van de Europese Unie hebben ook hun rol gespeeld in de crisis in Oekraïne. Als Europa zich niet had uitgebreid tot Polen en andere Oost-Europese landen, zou het niet alleen minder belang hebben bij de Oekraïense binnenlandse aangelegenheden maar daarop ook minder invloed hebben.

Anders dan veel Europeanen erkent Cooper de wezenlijke rol van de Amerikaanse macht bij de verschaffing van de strategische omgeving waarbinnen het zachte Europese expansionisme zich kan voltrekken. Als met behulp van het ,,militaire machtsvertoon'' van Amerika ,,de weg wordt vrijgemaakt voor een politieke oplossing die een soort slagschaduw rond een EU-imperium met zich meebrengt'', zo oppert hij, dan is dat misschien wel de manier om het ,,meest bedreigende gebied in het Midden-Oosten'' tegemoet te treden. Op de Balkan zou de magnetische kracht van Europa zwak zijn geweest als Slobodan Miloševic niet militair zou zijn verslagen. En ongetwijfeld verschaft de Amerikaanse macht een nuttige achtergrond bij de huidige diplomatieke confrontatie inzake Oekraïne.

Cooper staat niet alleen in zijn visie op de expansie van Europa. Onder de vooraanstaande Europese beleidsbepalers lijkt Joschka Fischer de grootste voorvechter om de uitbreiding en de aantrekkingskracht van de EU voor strategische doeleinden te gebruiken. Voor 11september 2001 stond Fischer argwanend tegenover een Turkse toetreding tot de Europese Unie en de nachtmerrie om buren als Irak en Syrië te erven. Maar nu beschouwt hij het Turkse lidmaatschap als een strategische noodzaak. ,,De modernisering van een islamitisch land op basis van de gedeelde Europese waarden zou voor Europa bijna een D-Day in de oorlog tegen de terreur zijn'', stelt hij, want dat zou ,,een echt bewijs zijn dat de islam en de moderne tijd, de islam en de rechtsstaat... (en) deze grote culturele traditie en rechten van de mens ten slotte toch met elkaar te verenigen zijn.'' Dat zou ,,de grootste positieve uitdaging zijn voor deze totalitaire en terroristische denkbeelden''. Daar kunnen de Amerikanen het nauwelijks mee oneens zijn.

De Amerikanen staan over het algemeen sceptisch of onverschillig tegenover de EU. Daar doen ze niet verstandig aan. De VS hebben groot belang bij de richting die EU de komende jaren inslaat. Het maakt zelfs misschien iets uit of Groot-Brittannië voor de Europese grondwet stemt, zoals Blair wil. Een Groot-Brittannië met werkelijke invloed binnen de EU zal deze eerder in de richting sturen van het liberale imperium dat Cooper – oud-adviseur van Blair – voorstelt. Dat zou wel eens een veel belangrijker strategische zegen voor de VS kunnen blijken dan een paar duizend Europese soldaten in Irak.

Robert Kagan is verbonden aan de Carnegie Endowment for International Peace in Washington. Hij publiceerde onder meer `Of Paradise and Power'.

meer invloed