Liz

Niet alleen overlijdensberichten van geliefde personen kunnen je momenten van droefheid bezorgen. Soms vang je in het voorbijgaan iets op over een verre kennis of een vergeten buur en de schrik slaat je om het hart – al was het alleen maar, want zo egocentrisch zijn we wel, omdat je met je eigen sterfelijkheid wordt geconfronteerd.

Het hoeft niet eens om personen te gaan die je zelf hebt gekend. Zo schrok ik danig van een berichtje over de actrice Elizabeth (`Liz' voor onder anderen mij) Taylor, inmiddels 72 jaar. Zij heeft in een interview gezegd dat haar lichaam `een regelrechte puinhoop' is. ,,Als ik mezelf bekijk, is het alsof de spiegel vervormt.''

Liz kampt met kortademigheid, ernstige hartproblemen en een pijnlijke ruggengraatvergroeiing. Eerder herstelde ze van een hersentumor. Ze zegt niet bang te zijn voor de dood. Dat lijkt me met zo'n medische staat van dienst ook wel verstandig.

Het lichaam van Liz als `een regelrechte puinhoop' – blijft ons dan niets bespaard? Nee, niets.

Ik lees het met een morbide fascinatie, maar eigenlijk wil ik het niet weten, want ik heb uitstekende herinneringen aan het lichaam van Liz. Ik heb het nog gekend toen het meer deed denken aan een weelderige, broeierige jungle dan aan een regelrechte puinhoop. Als Richard Burton me niet nét voor was geweest, was ik die jungle binnengedrongen, met achterlating van alles wat me lief was. (,,Binnen een jaar ben ik terug'', had ik gezegd, wetend dat samenleven met Liz synoniem was met via de kortste weg koers zetten naar een regelrechte puinhoop.)

Ach, Liz, soms zag ik mezelf met haar op de set staan, ik meen bij A Place in the Sun, of was het toch Butterfield 8? Er was een break, en Liz maakte een uitnodigend gebaar in de richting van haar privé-caravan even verderop: ,,Would you like some champagne?''

Ze doelde natuurlijk op de fles Dom Perignon in de koeler naast haar bed.

Ik verzin niets, want Truman Capote, een vriend van Liz, heeft dergelijke details genoteerd in het mooiste stuk dat ooit over haar is geschreven. Het stamt uit 1974, de periode dat Liz nog samen met Burton op de Olympus van de roem verkeerde.

Het interessante van het artikel is dat Capote een andere kant van Liz laat zien. Volgens hem was ze een intelligente, belezen vrouw. En ze was burgerlijker dan we dachten. Over het meisje dat ze in Butterfield 8 moest spelen, zei ze: ,,Ik mag haar niet (...) De gore leegheid. De mannen. Met iedereen het bed induiken.''

Capote beschrijft hoe hij 's nachts op haar hotelkamer zit. Burton is even weggegaan ,,to uncork another bottle of champagne''. Liz vraagt Capote om nog even te blijven. Anders blijft ze toch maar doordrinken met Richard. ,,En dan loopt het óf prachtig af, óf het wordt een echt gevecht.''

Ze sluit de gordijnen. ,,Weet je nog dat ik je een poosje geleden vertelde dat er iets was waarvoor ik wilde leven?'' vraagt ze. ,,Wat denk jij? Wat zal er van ons worden? Ik denk dat als je vindt wat je altijd gewild hebt, dat dan niet het begin begint, maar het einde.''

Dus daar waar de puinhoop begint.