Huurplannen zijn asociaal

Minister Dekker van Volkshuisvestig ligt onder vuur. Niet omdat er geliberaliseerde huurwoningen komen, daarvan is nu ook al sprake, maar wél omdat vanaf 2010 de verhuurder het vertrek van de huurder niet hoeft af te wachten.

Vóór 2010 zal de jaarlijkse huurverhoging bij geliberaliseerde huurwoningen al hoger zijn dan bij de gereguleerde huurwoningen, en vanaf 2010 is de huurprijs vrij. Alleen als de huurder huursubsidie ontvangt, is het liberalisatiebeleid niet van toepassing.

De huurders die wel met de liberalisatie te maken krijgen, vormen een dwarsdoorsnee van de Nederlandse huurders. Een kwart is 65-plussers; 45 procent heeft een inkomen onder de Ziekenfondsgrens; 19 procent van de huurders heeft zelfs een inkomen onder de huursubsidiegrens, maar krijgt geen huursubsidie omdat daarvoor de huur (nog) te laag is. Zij allemaal worden geconfronteerd met een onzeker perspectief.

In een markt met tekorten en schaarste wordt de huurprijs bepaald door wat de gek ervoor geeft. Er is nog een bijkomend argument waarom het bezwaarlijk is dat de huurbescherming van de zittende huurder drastisch wordt beperkt. Voor de verhuurder is een lege woning meer waard dan een bewoonde. De door minister Dekker voorgestelde huurliberalisatie zet de deur wagenwijd open voor het `uitroken' van de huurder: de huur voortdurend maximaal verhogen, zodat de huurder vertrekt, tenzij hij in verhouding tot de kwaliteit een bijzonder hoge prijs gaat betalen voor de woning waar hij soms al tientallen jaren woont. Minister Dekker is tamelijk laconiek over dit perspectief: de huurder heeft enige jaren de tijd om naar een andere woning om te zien als dit vooruitzicht hem niet bevalt.

De Nederlandse woningmarkt zit op slot en meer nieuwbouw wordt terecht gezien als de belangrijkste motor om de woningmarkt in beweging te brengen. Maar het is zeer de vraag of daarvoor huurliberalisatie en hogere huurstijgingen nodig zijn.

Bij de woningcorporaties zou de toename van de nieuwbouw op termijn zo'n 15.000 woningen per jaar moeten gaan opleveren. Van de corporaties mogen we verwachten dat ze hun maatschappelijke activiteiten ondernemen zonder dat daarvoor een hoog rendement in het vooruitzicht wordt gesteld. Het zijn per slot maatschappelijke instellingen die in het belang van de volkshuisvestng werkzaam zijn. Ze beschiken over een groot eigen vermogen dat jaarlijks met 10 procent groeit. Het is voor de wningcorporaties derhalve niet passend en niet nodig dat het rendement door een hogere huurstijging toeneemt. Ook Aedes, de branche-organisatie van woningcorporaties, ziet de koppeling die minister Dekker legt tussen de verruiming van het huurbeleid en investeren in de nieuwbouw niet zitten.

Minister Dekker presenteert een beleid dat grote groepen huurders in de problemen kan brengen, zonder dat er een duidelijk maatschappelijk doel mee is gediend. Het is een kwestie van beschaving om de minister in deze niet te volgen.

Johan Conijn is vennoot van Rigo Research & Advies in Amsterdam.