Woudenberg als de Man van Licht

Om de oerverhalen uit de Tora en de Bijbel te vertellen, kiest Helmert Woudenberg voor de oervorm van theater: één verteller, geen decor, geen speciaal kostuum. Al zou je zijn lakschoenen als zodanig kunnen aanmerken.

Voor de monoloog De zonen van Jacob bewerkte Woudenberg de verhalen over Jacob (Genesis 25-38), één der aartsvaders van het joodse volk, van wie twaalf zonen grondleggers van de stammen van Israël zijn. Met zijn machtige uitstraling vangt Woudenberg moeiteloos ieders aandacht. Zoveel mogelijk vertelt hij in dialogen, waarin hij zelf alle rollen speelt. Hij verbindt de verhalen met herhalingseffecten; terugkerende zinsnedes en bijbehorende bewegingen, bijvoorbeeld door de voortplanting van deze oerjoden steeds weer op gelijkluidende, prozaïsche wijze te beschrijven. Zijn toon is onsentimenteel, ruw en praktisch als het herdersvolk dat hij beschrijft. Soms is dat jammer. Hoogtepunten als Jacobs hereniging met tweelingbroer Esau zouden best wat dramatischer mogen.

Woudenberg vult de Bijbelverhalen aan met eigen details, geeft andere betekenissen. Bij hem is het vooral een verhaal van vaders en kinderen: hoe de vaders en moeders hun favorieten kiezen, en zo het zaad leggen voor latere rivaliteit tussen de kinderen: om te beginnen tussen Jacob en Esau. Ook gaat het over bedrog: Jacob bedriegt zijn tweelingbroer en wordt op zijn beurt telkenmale bedrogen. Woudenberg maakt het verhaal rond door met de geboorte van een tweeling te beginnen en te eindigen. De laatste keer is de vader, Ruben, zo verstandig beiden evenveel lief te hebben.

Anders dan in de Bijbel is God alleen op de achtergrond aanwezig. Een paar keer slechts manifesteert hij zich, als de Man van Licht die in de aartsvaders woont, en die ze helpt met de voorspoedige vermenigvuldiging van familie en veestapel. De Man van Licht is aan een comeback bezig, sinds hij is hij verdreven door mindere goden. Het volk dat hij sticht is het werktuig voor zijn comeback.

Ook de Man van Licht kiest zijn uitverkorenen, en ook dat leidt tot ellende. Kort stipt Woudenberg de frictie aan die Gods comeback met zich meebrengt. Jacob en zijn familie hebben een nieuw, streng geloof, maar ze wonen tussen onbesnedenen die hun vrouwen onbedekt laten. De zonen, de jonge onbuigzame krachten, gaan zich te buiten aan eerwraak. Jacob, de oude gematigde kracht, moet verdere escalatie zien te voorkomen. Door de nadruk te leggen op besnijdenis en hoofddoekjes, en door het laten horen van Arabisch gezang, maakt Woudenberg van deze oerjoden een stel moslims: orthodoxen van alle religies lijken op elkaar. Laat ze het maar niet horen.

Voorstelling: De zonen van Jacob. Tekst en spel: Helmert Woudenberg. Gezien 6/12 Theater Bitterzoet, Amsterdam. Tournee t/m 26/2. Inl. 020-6260350, of www.grunfeld.nl.