Lenovo: 938 mln voor pc's van IBM

De Chinese computerfabrikant Lenovo betaalt 1,25 miljard dollar (938 miljoen euro) voor de divisie personal computers van IBM, zo maakte het bedrijf gisteren bekend.

De deal met Lenovo vormt het logische sluitstuk voor IBM, dat al jaren bezig is zich te ontdoen van zijn verliesmakende onderdelen, en zich te concentreren op zijn kernactiviteiten, namelijk computerdiensten aan bedrijven. Voor Lenovo betekent de overname een verviervoudiging van zijn omzet in computers, namelijk tot 12 miljard dollar, waarmee het Chinese bedrijf de op twee na grootste pc-fabrikant is geworden, na Hewlett Packard en Dell.

De overnamesom, waarover maandenlang is onderhandeld door Lenovo's financiële functionaris Mary Ma, bestaat uit een deel van 650 miljoen dollar in contanten en 600 miljoen dollar in aandelen. Het Chinese bedrijf neemt ook nog eens een half miljard dollar aan financiële verplichtingen over van IBM.

Lenovo mag vijf jaar lang IBM's sterke merknaam blijven gebruiken, alsmede populaire modelnamen zoals die van de ThinkPad laptop-computer. Het hoofdkantoor van de PC-divisie komt in New York en Stephen Ward, de huidige IBM-functionaris die verantwoordelijk is voor pc's, wordt topman van het nieuwe Lenovo. Yuanqing Yang, nu topman van Lenovo, wordt bestuursvoorzitter.

IBM (International Business Machines) bracht in 1981 zijn eerste personal computer op de markt, die meteen door het bedrijfsleven werd omarmd. Tot 1994 was IBM marktleider in de VS. Daarna moest het bedrijf het afleggen tegen een groeiende groep nieuwkomers die scherp concurreerden op prijs, waaronder Dell en Gateway. Later in de jaren negentig werd de pc-handel steeds verliesgevender. In 1998 boekte IBM zelfs een 1 miljard dollar verlies op de pc-activiteiten. In het derde kwartaal van dit jaar maakte IBM nog steeds verlies, te weten 50 miljoen dollar op 3,8 miljard omzet. Ter vergelijking: met computerdiensten aan het bedrijfsleven verdiende IBM 1,2 miljard dollar op 11 miljard dollar omzet.

Lenovo verkocht vorig jaar vijf miljoen computers en aanverwante apparatuur voor ongeveer 3 miljard dollar, waarmee het marktleider is in China en de rest van Azië.