Annan hekelt aanval op `de' islam

Secretaris-generaal Kofi Annan van de Verenigde Naties vindt dat een einde moet komen aan het demoniseren van de islam als een monoliete, Arabische godsdienst die onverenigbaar is met democratie en die vijandig staat tegenover het Westen, moderniteit en gelijkheid voor vrouwen.

,,In teveel kringen kunnen denigrerende opmerkingen over moslims ongehinderd passeren, met als resultaat dat vooroordelen een zweem van (maatschappelijke) aanvaardbaarheid krijgen'', meent Annan.

De secretaris-generaal zei dit gisteren in New York op een VN-seminar over bestrijding van `islamfobie'. Een half jaar geleden werd – eveneens onder het motto van `het afleren van onverdraagzaamheid' – een soortgelijke door de VN gesteunde conferentie gehouden over het tegengaan van antisemitisme.

De islam, zei Annan, moet niet, zoals velen doen, worden beoordeeld aan de hand van daden van extremisten die, met een beroep op hun geloof, burgers tot doelwit verkiezen en hen bewust doden bij aanslagen. ,,Enkelingen geven (daarmee) een slechte naam aan velen, en dat is onrechtvaardig. Iedereen moet degenen veroordelen die zulke moreel verwerpelijke daden pleegt, waarvoor geen enkele rechtsvaardigingsgrond bestaat.''

Ook de identificatie van de islam met de Arabische wereld vloeit voort uit een bekrompen kijk, aldus Annan. Verreweg de meeste moslims spreken van huisuit geen Arabisch en enkele van de moslimrijkste landen (zoals Indonesië, Pakistan en India) bevinden zich in Azië. Los daarvan is het onzin om de islam af te schilderen als een eenvormig, onbeweegbaar geloof, terwijl de godsdienstuitoefening in de praktijk even geschakeerd is als bij andere religies, aldus Annan. Tot de islam behoort het hele gamma van modernisten tot traditionalisten, ieder met hun eigen praktische interpretatie van de geloofsleer.

Volgens Annan is het ook onjuist heftige reacties onder moslims op onder andere het Israëlisch-Palestijnse conflict en de situatie in Tsjetsjenië op te vatten als ,,een islamitische reactie op westerse waarden''. In werkelijkheid, aldus Annan, is sprake van ,,een politieke veroordeling'' van een specifiek beleid waarmee men het oneens is.