Aantal mensen dat honger lijdt, blijft toenemen

Elk jaar gaan meer dan 340 miljoen productieve levensjaren verloren, omdat mensen door honger voortijdig overlijden of niet meer in staat zijn tot werken. Ondervoeding en tekort aan vitaminen en mineralen zijn te vergelijken met een ramp die jaarlijks de gezamenlijke bevolking van de Verenigde Staten en Zuid-Afrika uitroeit. Dat heeft de Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) van de VN becijferd in het jaarlijkse hongerrapport (The State of Food Insecurity in the World 2004) dat vanmorgen in Rome is gepresenteerd.

Het aantal mensen dat honger lijdt, is tussen 1995 en 2002 met 18 miljoen gestegen tot 852 miljoen. Terwijl de lidstaten van de VN hebben afgesproken dat hun aantal voor 2015 moet halveren tot ruim 400 miljoen. Van die 852 miljoen wonen er 815 miljoen in ontwikkelingslanden, 9 miljoen in geïndustrialiseerde landen en 28 miljoen in zogeheten overgangslanden. Jaarlijks sterven vijf miljoen kinderen van de honger.

De FAO heeft laten uitrekenen wat het zou opleveren als halvering van de honger voor 2015 alsnog wordt gehaald: aan extra productieve levensjaren, aan extra inkomen, aan meer jaren opleiding, aan verminderd ziekteverzuim. In geld vertaald zou de winst tot 2015 3.000 miljard dollar bedragen.

In vergelijking zijn de kosten om dat doel te bereiken volgens de de VN-organisatie vrij gering: 24 miljard dollar per jaar. Het rendement van elke dollar die aan hongerbestrijding wordt besteed, ligt tussen de 500 en 2.000 procent. Hartwig de Haen, assistent-directeur-generaal van de FAO zei vanmorgen dat ,,de internationale gemeenschap misschien niet helemaal in de gaten heeft wat voor economische impuls investeringen in hongervermindering hun zullen opleveren''.

Hoewel de halvering van de honger niet op schema ligt, is het doel nog steeds haalbaar, zegt de FAO. Meer dan dertig ontwikkelingslanden hebben het deel van de bevolking dat ondervoed is, in de jaren negentig met ten minste een kwart weten te verlagen. Zelfs in zwart Afrika, de regio die het meest te kampen heeft met ondervoeding, is het percentage hongerlijders tussen 1992 en 2002 van 36 tot 33 procent gedaald.

In juli van dit jaar hadden 35 landen te maken met voedselcrises. Een deel van de bevolking was aangewezen op voedselhulp. De meeste van die landen liggen in Afrika. De meeste van de crises werden veroorzaakt door droogte of conflicten, of door een combinatie van beide. In bijna alle gevallen ging het om structurele crises die gemiddeld al negen jaar duren. Het aantal voedselcrises verdubbelde de laatste twintig jaar van jaarlijks gemiddeld 15 tot ruim 30. Het aandeel crises dat door menselijk ingrijpen werd veroorzaakt, zoals conflicten, steeg van 15 naar 35 procent.