Submission-22

Rond Submission is een Catch-22-situatie ontstaan.

Het heet dat de film grievend zou zijn voor moslims. Olie op het vuur, contraproductief, een splijtzwam in de samenleving. Dus maar liever geen vervolg? Maar wie daarvoor pleit, nodigt Hirsi Ali uit te buigen voor terreur.

Iedereen weet wel ongeveer dat `Catch-22' voor één of ander duivels dilemma staat. De strekking van de spreekwoordelijk geworden titel van de satirische oorlogsroman van Joseph Heller uit 1961 is dat de hoofdpersoon, Yossarian, voor een onmogelijke keuze staat. Yossarian is kapitein bij de Amerikaanse luchtmacht. Hij wordt voortdurend op levensgevaarlijke missies gestuurd. Dus kan hij maar beter proberen af te haken. Maar daarvoor moet hij zich eerst gek laten verklaren. Dat nu is onmogelijk, gelet op paragraaf 22 van de dienstvoorschriften. Daar staat namelijk in dat iemand die zich bewust is van het risico, om den donder niet gek kan zijn – en dus onverdroten door moet gaan. Hem rest geen andere mogelijkheid dan `to live forever or die in the attempt'.

Hirsi Ali heeft haar keuze gemaakt, vertelde ze in deze krant. Niet gevangen door een dienstreglement, maar gedreven door haar overtuiging dat de sleutel van de integratie van moslims ligt bij de bestrijding van vrouwenonderdrukking. Zo bezien gaat de vergelijking met de roman van Heller niet op.

Het is haar partij, de VVD, die zich werkelijk in een `Catch-22' bevindt.

Binnen en buiten die partij gaan stemmen op die het Kamerlid, nu ja, niet letterlijk gek verklaren, maar wel oproepen haar als een gevaarlijke provocateur keihard te laten vallen. Omwille van de lieve vrede.

Het scherpst is dit verlangen geformuleerd door Trouw-columnist J.J.A. van Doorn, die meent dat de VVD de `provocaties' van haar Kamerlid niet langer ,,met de mantel der liefde'' mag bedekken, omdat door haar toedoen ,,de polarisatie tussen autochtonen en allochtonen gevaarlijke vormen begint aan te nemen''. Hij is dan ook van oordeel dat de VVD haar voor de keuze moet plaatsen ,,zich te gedragen als volksvertegenwoordiger van alle Nederlanders of haar zetel ter beschikking te stellen''.

Om verschillende redenen is dit een onmogelijk scenario. Ten eerste hebben vice-premier Zalm en minister Remkes Submission voor de uitzending voorgelegd gekregen. Zij maakten geen bezwaar, hetzij omdat zij, anders dan Van Doorn, geen gevaar van polarisatie zagen, of die op de koop toe wilden nemen. Hoe dan ook hebben zij zich gecommitteerd. Maar afgezien daarvan: wie haalt het in zijn hoofd een met de dood bedreigd Kamerlid om redenen van politieke opportuniteit tot aftreden te willen dwingen? Dat zou impliceren dat een moordenaar beschikt over de samenstelling van het parlement. Bovendien zou de VVD, als de partij het advies van Van Doorn volgt, ontkennen dat zij nog enig belang hecht aan de vrijheid van meningsuiting. Het zou een knieval zijn voor bedreigers en fundamentalisten.

Volgens Van Doorn staat de VVD ,,voor de keuze''. Ik denk dat hij daarin gelijk heeft. Alleen, die keuze kan geen andere zijn dan principieel vast te houden aan het standpunt dat Submission beslist geen `provocatie' was, maar een pleidooi voor vrouwenrechten. En wel in een vorm die noch de opzet had een bevolkingsgroep te beledigen, noch nodeloos grievend kan worden genoemd.

Talrijke moslims, onder wie gematigde en verzoenende figuren, zijn het met dit laatste oneens. Zij betogen dat de film van Van Gogh en Hirsi Ali ook hen heeft gekwetst in hun religieuze overtuiging. Dat is de juridisch formulering van het probleem. In een heilloze spraakverwarring dreigt deze juridische kwestie nu vermengd te raken met de politiek-tactische overwegingen van Van Doorn en – nog verwarrender – met goedbedoelde waarschuwingen tegen polarisatie en tegen generaliserende oordelen over de islam.

Het zou misschien enigszins de lucht kunnen klaren als in ieder geval de juridische vraag wordt beantwoord. Terecht zei de Amsterdamse burgemeester Cohen op de avond van de moord op Van Gogh, dat er in Nederland altijd nog de rechter is om naar toe te gaan als iemand zich gegriefd voelt. Dus dan maar naar de rechter met dat deel van de kwestie.

Nu schijnen twee anonieme moslimfamilies inderdaad een kort geding te willen aanspannen tegen het door Hirsi Ali aangekondigde vervolg op Submission. Helaas hebben zij een advocaat, R. Moszkowicz, die niet de moeite heeft genomen zijn cliënten uit te leggen dat het onmogelijk is een verbod te eisen van uitingen die nog niet zijn gedaan. Moet er soms een censuurcommissie worden ingesteld waaraan elke mening over de islam tevoren dient te worden voorgelegd? De advocaat heeft zijn cliënten zelfs wijsgemaakt dat een rechter Hirsi Ali kan verbieden zich ,,in het vervolg andermaal'' godslasterlijk over de islam uit te laten. Andermaal? Is dat al eens eerder vastgesteld dan?

Een advocaat die zijn cliënten dermate schandelijk misleidt, vervult zelf de rol van provocateur. Door iets waanzinnigs te eisen, wil hij duidelijk maken dat het, om zijn eigen woorden te gebruiken, voor moslims niet mogelijk is ,,langs vreedzame weg het beledigen van hun godsdienst tegen te gaan''. Het gedrag van deze advocaat schaadt het vertrouwen in de advocatuur en in zijn eigen beroepsuitoefening. Is dat geen tuchtrechtelijk vergrijp?

Maar goed, misschien is het nu wel het beste de rechter maar eens een oordeel te laten uitspreken. En dan uiteraard niet over mogelijke toekomstige uitingen, maar over de film die Theo van Gogh zijn leven heeft gekost. Dus laat de VVD nu kleur bekennen.

In de zendtijd voor politieke partijen kunnen de VVD-ministers, die hun fiat gaven aan de film, de uitzending ervan nogmaals en dan openlijk voor hun partijpolitieke verantwoording nemen. Zich gekwetst voelende moslims kunnen zich vervolgens daarover beklagen bij de rechter, die moet beslissen of hier sprake is van opzettelijke belediging en onnodig grieven, en of een verbod van de film in een democratie noodzakelijk is ter bescherming van de rechten van anderen.

VVD, gebruik uw zendtijd voor een heruitzending van Submission, toon ook eens lef en neem het risico van een geding. Ik twijfel niet aan de uitkomst. De VVD zal een rechtszaak glorieus winnen. Dat is de beste steun die zij aan Hirsi Ali kan geven. Het bevrijdt bovendien de discussie van juridische drogredenen en verlost de partij uit haar `Catch-22'-situatie.