Negen doden bij aanslag in Jeddah

In totaal negen mensen zijn gisteren gedood bij de aanslag op het Amerikaanse consulaat in de Saoedische havenstad Jeddah, onder wie vier van de daders. De vijf overige slachtoffers zijn leden van de niet-Amerikaanse staf van het consulaat. De Saoedische overheid sprak berichten tegen als zouden ook vier Saoedische militairen zijn gedood. De Amerikaanse staf had zich in een gebouw op het complex verschanst.

Het Amerikaanse consulaat is een van de zwaarst beveiligde gebouwen in Jeddah sinds vorig jaar moslimextremisten gelieerd met Osama bin Ladens terreurnetwerk Al-Qaeda een moordcampagne tegen buitenlanders in Saoedi-Arabië lanceerden. Daarom alleen al maakte de eerste grotere terreuractie sinds zeven maanden diepe indruk. De Saoedische veiligheidsdiensten hadden de afgelopen maanden talrijke successen gemeld in de strijd tegen de extremisten, en kroonprins Abdullah verklaarde hen in juli voor verslagen. Met deze actie echter toonden zij echter volgens waarnemers aan dat ze wel nog degelijk tot actie in staat zijn.

De in totaal zes aanvallers volgden volgens functionarissen een officiële auto van het consulaat het complex op, waarbij ze schoten en handgranaten naar de bewaking gooiden. De aanvallers gebruikten buitenlandse employés van het consulaat vervolgens als menselijk schild in hun verdediging tegen de Saoedische veiligheidsdiensten. Onder welke omstandigheden de vijf stafleden werden gedood, is niet duidelijk. Twee aanvallers werden aangehouden.

De Amerikaanse president George Bush onderstreepte dat de aanslag bewijst dat terroristen nog steeds proberen Amerikanen te intimideren. ,,Ze willen dat we bang en moe worden tegenover hun bereidheid om willekeurig onschuldige mensen te doden'', zei hij. Het State Department meldde te gaan uitzoeken wat precies de zwakke punten in de beveiliging waren.

In een op internet gepubliceerde verklaring eiste Al-Qaeda op het Arabisch schiereiland de verantwoordelijkheid voor de aanslag voor zich op. Volgens deze verklaring was de actie de `Gezegende Falluja-slag' genoemd. Dat is een verwijzing naar het Iraakse rebellenbolwerk dat vorige maand doelwit was van een groot Amerikaans offensief.