Ik kan mijn kind geen veiligheid meer bieden 1

De Nationale Ombudsman (NRC Handelsblad, 30 november) heeft eindelijk ook vastgesteld wat ik op basis van gezond verstand al een jaar beweer, namelijk dat het opsluiten van gedragsgestoorde kinderen in jeugdgevangenissen in strijd is met het recht en met de mensenrechten. Zolang zit mijn pleegdochter al in de gevangenis, de Doggershoek in Den Helder. Ze is, destijds nog maar twaalf jaar oud, in de gevangenis gezet. Zonder iets misdaan te hebben, zonder enige vorm van proces, zonder mogelijkheid haar rechten te verdedigen, zonder vonnis en dus zonder beroepsmogelijkheid. Je hoeft geen jurist te zijn om te concluderen, dat Nederland, als de eerste de beste dictatuur, fundamentele rechtsregels met voeten treedt. De Ombudsman verdient lof voor zijn klare taal, maar zijn oordeel zal niets uithalen. Het probleem is, dat alle betrokkenen van de jeugdzorg tot psychiaters, van rechters tot de minister maar al te goed weten, dat het niet deugt wat ze doen. Ze protesteren er zelfs tegen, de laatste tijd. Maar hun protest is onoprecht en slechts afgedwongen door de in hun ogen ongewenste publiciteit over hun handelen.

Intussen blijven ze op de oude voet doorgaan met hun kwalijke praktijken. Het is een vorm van collaboratie, onder aanvoering van een minister, die naar aanleiding van het godslastering-debat enigszins wereldvreemd is genoemd maar toch `door en door fatsoenlijk'. Dat is hij niet: kinderen, probleemkinderen, de kwetsbaarste leden van onze samenleving verdwijnen met zijn goedkeuring zomaar achter de tralies. Hij liegt bovendien. Ik heb geen ambtenarenapparaat tot mijn beschikking om het uit te rekenen, maar het gemiddelde verblijf van deze kinderen in gevangenissen kan onmogelijk 132 dagen zijn, zoals de Ombudsman ook vaststelt. Mijn pleegkind zit er al een jaar, zojuist heeft de rechter een nieuwe machtiging afgegeven en er is geen enkel uitzicht op `invrijheidsstelling', op welke termijn ook. Gelet op de dramatische verslechtering van haar toestand is er voor mijn pleegdochter geen enkele hoop meer. De groepsdruk in de criminele omgeving waarin ze terecht is gekomen is zo groot, dat ze zichzelf inmiddels, angstig en getraumatiseerd, opsluit in haar cel. Ik kan haar geen veiligheid meer bieden. Dat is een bittere ervaring, ik verhul het niet. Twaalf jaar lang heb ik geprobeerd een kind te redden ten behoeve van de samenleving, in de plaats van de samenleving. Maar op het moment dat ik daarbij hulp nodig had, liet diezelfde samenleving me meedogenloos in de kou staan.