Eindspel tussen EU en Turkije verhardt

Cyprus, startdatum en einddoel zijn de grootste geschilpunten die resten over de vraag of met Turkije onderhandelingen kunnen beginnen over toetreding tot de Europese Unie.

Onacceptabel. Dat is volgens Europese politici het woord dat Turkse politieke leiders dezer dagen gemakkelijk over de lippen komt. Naarmate 17 december dichterbij komt, de dag dat de 25 lidstaten van de Europese Unie moeten besluiten of de onderhandelingen met Turkije over het lidmaatschap van de Unie kunnen beginnen, verhardt de toon.

Grootste obstakel op dit moment: Cyprus. Afgelopen weekeinde liet de Turkse premier Recep Tayyip Erdogan weten geen nieuwe voorwaarden van de EU meer te accepteren. Zelfs moest niet worden uitgesloten dat de rollen zouden worden omgedraaid, zo liet hij doorschemeren in het blad Radikal. Dat Turkije, aldus Erdogan, straks ,,nee, dank u'' tegen Europa zegt.

Dezelfde toon merkten de Nederlandse europarlementariërs Camiel Eurlings (CDA) en Joost Lagendijk (GroenLinks) de afgelopen dagen op in hun gesprekken in Turkije met onder anderen Erdogan. Eurlings is namens het Europees Parlement de opsteller van het rapport over de Turkse toetreding waarover de Europese volksvertegenwoordigers volgende week in Straatsburg stemmen. Lagendijk is voorzitter van de Turkije-delegatie uit het Parlement.

Volgens Eurlings ligt Erdogan momenteel ,,op ramkoers'' tegenover de EU. ,,Ik vind dat gevaarlijk. Als je in elke zin twee keer het woord onacceptabel gebruikt, creëer je wel een bepaalde sfeer'', zei Eurlings gisteravond in Brussel tegen journalisten. GroenLinkser Lagendijk toonde zich minder bezorgd: ,,Aan beide kanten is nu de lastigste tijd aangebroken. Iedereen bewapent zich voor de Europese top van 17 december. Mijn boodschap aan alle partijen is: keep cool.''

Strikt genomen staat het Europees Parlement buiten het besluit dat de regeringsleiders volgende week onder voorzitterschap van de Nederlandse premier Jan Peter Balkenende moeten nemen. Maar de compromissen en formules die in het Parlement over de tafel gaan zijn nagenoeg dezelfde als die waarover de regeringsleiders eind volgende week praten. Het debat in het Parlement geldt dan ook als belangrijk signaal. Dat wordt zeker in Turkije zo opgevat.

Het is niet voor niets dat opeens de kwestie Cyprus weer een belangrijke rol speelt. In de ontwerpresolutie van het Europees Parlement staat dat eventuele toetredingsonderhandelingen met Turkije worden gevoerd met de huidige 25 EU-landen. Aangezien Cyprus een van deze landen is, betekent het beginnen van de onderhandelingen de erkenning van Cyprus door Turkije, aldus de resolutie. Zo ver was Erdogan in dagblad Radikal nog lang niet.

Vandaag voert Balkenende met het oog op de top van volgende week gesprekken met zijn collega's in Athene en Nicosia. Zowel de Grieken als de Cyprioten hebben bezwaar tegen de nu voorliggende ontwerpconclusies. Zij willen een krachtiger uitspraak over Turkse erkenning van Cyprus en nemen vooralsnog geen genoegen met de verwijzing naar de resolutie van het Parlement.

De EU-leiders gaan er vanuit dat Turkije nog voor de top van volgende week zijn fiat geeft aan de zogenoemde Ankara-overeenkomst met de tien landen die op 1 mei bij de EU zijn gekomen. Het betekent dat die landen, waaronder Cyprus, deel gaan uitmaken van de douane-unie die Turkije nu al heeft met de vijftien `oude' EU-landen. Ook dit komt de facto neer op erkenning van Cyprus door Turkije, redeneren veel EU-landen.

Maar zo zien Griekenland en Cyprus het niet. Voor beide landen gaat deze stap niet ver genoeg. En zij kunnen het hard spelen, omdat het besluit van de regeringsleiders om met Turkije besprekingen te beginnen over EU-toetreding in unanimiteit moet worden genomen. Anders gezegd: de tegenstem van één land is voldoende om besluitvorming te blokkeren.

Behalve de kwestie Cyprus zijn er nog twee knelpunten. Allereerst zullen de regeringsleiders zich moeten uitspreken over een startdatum voor de onderhandelingen. Twee jaar geleden beloofden ze dat deze besprekingen ,,without delay'' zouden beginnen als eind 2004 zou worden vastgesteld dat Turkije rijp zou zijn voor het EU-lidmaatschap.

Inmiddels blijkt ook dit een rekkelijk begrip. `Zonder vertraging' is in de optiek van de Nederlandse minister Bernard Bot (Buitenlandse Zaken) op zijn vroegst de tweede helft van komend jaar. In de ontwerpresolutie van het Europees Parlement staat ,,without undue relay'' (zonder onnodige vertraging), wat ook meer ruimte geeft.

Tenslotte is er nog het einddoel. Moeten de onderhandelingen uiteindelijk leiden tot een volwaardig Turks lidmaatschap? Hier richten alle ogen zich op Frankrijk en Oostenrijk. De Franse president Jacques Chirac kampt met een zeer sterke stroming in zijn partij UMP, onder aanvoering van de nieuwe voorzitter en troonpretendent Nicolas Sarkozy, om de band met Turkije te beperken tot een `geprivilegieerd partnerschap'.

De Duitse christen-democratische oppositie van CDU/CSU wil hetzelfde. Zij heeft de conservatieve Oostenrijkse kanselier Wolfgang Schüssel ingeschakeld om dit standpunt te vertolken. Maar hun geestverwant Balkenende heeft herhaaldelijk laten weten hier niets voor te voelen, omdat het zou betekenen dat je tijdens de wedstrijd de spelregels verandert.

Een mogelijke uitweg is geen einddoel te formuleren en dus in het midden te laten wat de status van Turkije in de relatie met de EU uiteindelijk wordt. Afgezien van Turkije zelf verzetten vooralsnog landen als Groot-Brittannië en Duitsland zich tegen zo'n `open-einde'-clausule. Zij vinden dat onomwonden moet worden uitgesproken dat Turkije volwaardig lid kan worden en zij staan hier dus tegenover onder meer Frankrijk.

Tegen deze achtergrond verrast het niet dat Balkenende vóór de top van volgende week nog langsgaat in Parijs, Berlijn en Londen. Zijn inzet: het laten slagen van de top. Met als niet onbelangrijke bijkomstigheid: het laten slagen van het Nederlandse voorzitterschap.