Zwarte school 2

In zijn Hollands Dagboek prijst Rob Malasch meester Maarten om zijn inzet. De vraag is of meester Maarten, ondanks zijn ongetwijfeld goede bedoelingen, deze leerlingen wel helpt. Iedereen die wel eens voor een klas gestaan heeft weet hoe belangrijk orde is. Er is rust nodig om een omgeving te creëren waarin geleerd kan worden, maar de manier waarop meester Maarten hiermee omgaat vind ik ronduit stuitend. Het continu naar jonge kinderen schreeuwen dat ze hun `koppen dicht' moeten houden past niet binnen de normen en waarden die wij zo graag op deze kinderen over willen brengen.

De meester beklaagt zich over het lage niveau van de leerlingen. Nee, natuurlijk leren deze kinderen niks, maar dat heeft dan niet (alleen) te maken met het gebrek aan ondersteuning thuis maar ook met de afwezigheid van prikkels tijdens de les. Een meester die over het algemeen de antwoorden voorzegt stimuleert leerlingen niet om zelf na te denken. Je krijgt kinderen die, zoals Malasch het omschrijft, opdrachten uitvoeren `zonder enige passie, esprit of motivatie. Ze doen wat de meester zegt. Wat ze zelf willen doen hebben ze al heel lang geleden afgeleerd.' Die op hol slaan als ze even wel geprikkeld worden. Die kinderen zijn uitermate slecht voorbereid om te functioneren in een samenleving als de Nederlandse, waarin eigen initiatief, eigen mening en discussiëren volgens bepaalde regels van groot belang zijn. Het excuus dat het met `deze kinderen' niet anders kan is wel erg makkelijk. Naarmate kinderen jonger zijn, en uit lagere sociale milieus komen, is het moeilijker ze in het gebied tussen strikte orde en volledige chaos te krijgen, maar het is zeker niet onmogelijk.

De grote nadruk op orde, ten koste van eigen initiatief en creativiteit is niet het enige probleem in de lessen. Wat zijn bijvoorbeeld de gevolgen voor het zelfvertrouwen van een kind als het van een autoriteit als de schoolmeester te horen krijgt dat het thuis een `apentaaltje' spreekt.

Als meester Maarten het prototype is van een idealistische docent op een achterstandsschool, moeten we voor de toekomst van deze kinderen vrezen. Als deze kinderen later succesvol worden, is dat eerder ondanks dan dankzij hun docenten.