Sintegratie met marsepein en pepernoten

Zoals allochtonen het betaamt, hebben ook wij hier in Rome een schotel op ons dak. De kinderen blijven via Z@ppelin, Sesamstraat en het Jeugdjournaal op de hoogte van de nieuwste vondsten in de Nederlandse taal. En wij volgen met verbijstering het nieuws, constateren – zoals elke vluchteling – dat het er thuis niet beter op wordt, en zappen dan maar door naar het voetbal om te genieten van onze nationale trots PSV die de volgende ronde in de Champions League haalt.

Zoals allochtonen het betaamt, proberen we zo nu en dan ook iets van onze eigen cultuur op te leggen aan de autochtoon. We zijn daar niet onverdienstelijk in, menen we. Geweld was tot op heden ook niet nodig. Snoepgoed bleek de oplossing.

Onlangs keken Camilla, het beste vriendinnetje van onze oudste dochter, en haar moeder bij ons thuis mee naar de intocht van Sinterklaas. Moeder Nidia uit Napels genoot van de Alkmaarse geveltjes, de blonde haren van de kinderen, en gierde het uit van het lachen toen de eerste Zwarte Piet in beeld kwam: ,,Die lijkt wel wat op mij.''

Dochter Camilla is sindsdien volstrekt gebiologeerd door die oude man met die lange baard. Het geloof is meteen heel diep geworteld.

Er zat dan ook niks anders op dan het kleine Italiaantje hier de schoen te laten zetten. Want, zoveel was haar wel duidelijk, de Sint komt alleen bij allochtonen thuis en niet bij Italianen. Die hebben immers op 6 januari het heksje la Befana die allerlei moois komt brengen, als je tenminste lief bent geweest.

Waar ons cultuurimperialisme al niet goed voor is gebleken. Camilla is inmiddels een verdienstelijk stoomboottekenares, mag graag een pepernoot eten, en heeft eindelijk eens iets wat haar oudere broertje Tiziano niet heeft.

Die vroeg ons onlangs wat sip waarom Sinterklaas niks voor hem had meegebracht. Na het antwoord dat hij dan een schoen met een wortel erin moest brengen, keek hij ons meewarig aan. Of we soms gek waren? Hij dacht er niet aan zich te verlagen tot zulke cultuur oneigen gedragingen als één van je schoenen bij een ander achter te laten. Bovendien, zo wist hij, cadeautjes krijg je in een sok. Zo doet la Befana dat. Vooralsnog houdt hij stand.

Morgen is het vijf december. Juist op zijn verjaardag maakt de Sint tijd vrij voor de hardwerkende Nederlandse ex-pats in Italië. Dan gaan ze met hun kinderen naar het Bisschoppelijk College in Rome. In de hal waar normaal de Nederlandse bisschoppen verpozen als ze voor spirituele zaken in Rome zijn, komt dan de bisschop van Mira, de Goedheiligman uit Madrid, op bezoek.

Iedereen die lid is van de Nederlandse Vereniging mag er zijn kinderen mee naar toe nemen. Je stuurt een e-mail naar de Sint en je kinderen krijgen, mits zijn geheugen het toestaat, een persoonlijke behandeling. Voor veel Nederlanders is de Sinterklaasmiddag de belangrijkste reden om de contributie van de Vereniging over te maken. Ze willen de kinderen dit Hollandse feest niet onthouden en er is geen andere festiviteit waar je in één keer zoveel landgenoten kunt ontmoeten.

De Sint roept de kinderen altijd één voor één naar voren. Er klinken ook namen in de trant van Alessandro Peeters, Mauro van den Berg en Noortje Sorcinelli. Het is een grappig gezicht om al die Italiaans-Nederlands mixjes uit volle borst Nederlandse Sinterklaasliedjes te horen zingen. Je zou het bijna omgekeerde integratie gaan noemen.

Daarom zijn we zijn onze witgebaarde profeet te paard zo dankbaar. Hij biedt onze kinderen de kans om ,,met behoud van hun eigen identiteit'' Italiaanse kinderen voor Nederland te paaien.

Onze dochter geniet met volle teugen als ze iets van haar Nederlandse wereld kan delen met leeftijdgenootjes. Eindelijk weet zíj eens iets wat de autochtonen niet weten. Eindelijk hoeft niet zíj zich in te spannen om de ander te begrijpen, maar is dat andersom.

Ze krijgt alle kans om haar haar Italiaanse vriendinnetje Camilla op gewichtige toon uitleggen dat het paard van Sinterklaas best water uit een beker kan drinken. En ze verklapt dat de Sint die in Rome cadeautjes brengt waarschijnlijk een hulp-Sint is, omdat hij helemaal niet lijkt op die van televisie.

Vriendinnetje Camilla staat er inmiddels op om vannacht bij ons te slapen, zodat ze met eigen ogen kan verifiëren of die Nederlandse Sint beter is dan háár lievelingsgod, la Befana. Volgende maand is het de beurt aan onze dochter Bregtje om het heksje bij Camilla thuis aan een onderzoek te onderwerpen.

En zo lijkt het er bijna op dat die twee zesjarige dametjes hun eigen oplossing voor het integratieprobleem hebben aangedragen. Niet de roe noch het zwaard, maar marsepein en pepernoten als het ultieme multiculturele glijmiddel. Kortom Sintegratie.