Rouw

Hield de prins van voetbal? Mij is het niet bekend. Ik lees dat hij wel eens te gast was in de Kuip bij het Nederlands elftal. Hij zou ook aanwezig zijn geweest bij de halve finale van de Europa Cup toen Feyenoord tegen Benfica speelde. In 1963. Maar ik geloof niet dat hij een hitsige supporter was. Niet van het Nederlands elftal, niet van Ajax, niet van Feyenoord. De prins hield het op golf en polo. En op de jacht. Afblaffen die handel.

Hij heeft de laatste dagen voor zijn dood nog veel mensen gebeld. Journalisten, toneelspelers, veteranen, wie weet een enkele zigeuner. Wat mij zo vreemd voorkomt, is dat in het defilé van de vriendjesindustrie de naam van Johan Cruijff niet is gevallen. Het leken mij nochtans geesten die elkaar waard waren, Cruijff en Bernhard. Vrijbuiters, dissident van gemoed, gevoel voor grootspraak en niet ongevoelig voor de koers van de dollar. Alletwee gek van golfen bovendien. Het verbaast me ook van Johan dat ik hem nog niet in een intiem requiem voor Bernhard heb gehoord. Terwijl hij wel André Hazes het graf in prees. En Juliana vond hij ook een goed mens.

Ruud Gullit wou wél iets over de prins zeggen. Graag zelfs. Hij had hem wel eens ontmoet op Soestdijk. Wat heet, hij had zijn ziel doorgrond: ,,Bernhard was een levensgenieter, dat had ik al snel gezien. Ik denk dat we iets gaan missen.'' Gullit zei het plechtig, met tremolo's in de stem, maar het was geen rouwbeklag dat door het hart sneed. Het klonk te Gullitiaans: de prins en ik. Copain-copine-achtig. Zo zal hij straks ook over Mandela spreken: Nelson en ik.

Moet je de dood van Zijne Koninklijke Hoogheid in een vol stadion afroepen? Feyenoord deed het in de wedstrijd tegen Schalke 04. Ik schrok er een beetje van. De dood is zo ver weg in de koorts van een wedstrijd. Een omgeroepen dood wordt meteen een fait-divers, al helemaal als je door blijft gaan met jagen op de bal. Als je blijft denken aan de miljoenen die op het spel staan.

De rouwband om de arm van voetballers raakt me dieper. Een rouwband draag je uit, de wedstrijd lang. Niet dat spelers als Ghaly en Saidi opeens met de beeltenis van prins Bernhard in het hoofd gingen ronddolen, nee ze bleven het eigen positiespel zorgvuldig bewaken, maar een zwarte streep op de arm van jonge jongens wijst toch op een gemeenschap in verdriet. Althans op geraaktheid door een ander lot.

Voor de rouwbanden had de trouwe Feyenoord-slaaf Gerard Meijer gezorgd. Gerard denkt aan alles, ook aan het ondenkbare. Hij wordt benoemd noch gefêteerd, maar deze verzorger is als geen ander het geweten van Feyenoord. Gerard is zijn eigen optisch bedrog: zonnebank-bruin en geföhnd naar de gemiddelde (wan)smaak van Rotterdam staat hij een beetje nonchalant langs de zijlijn. Maar alles aan hem is overgave en liefde en nederigheid. Hand in hand, kameraden. Gerard durft het niet voluit te zingen, hij fluistert het. Dag en nacht.

Leven en dood, ze zijn zelden groter dan de bal. Na het Heizeldrama zijn de spelers van Juventus in de nieuwe competitie weer ongremd overgegaan tot de orde van de dag. Zonder rouwband. Pas een jaar later werd voor de gesneuvelden een monumentje opgericht in de buurt van het stadion in Turijn. Er liggen allang geen bloemen meer. Niemand komt nog langs met een kaarsje.

Vergeten en vergeven, mag je het voetballers in hun wekelijkse uitstoot van adrenaline kwalijk nemen? Op de televisie zag ik dezer dagen een eindeloze optocht van veteranen. Prachtige mannen met strakke snorren, stijf van adoratie. Zij hadden de prins al lang vergeven dat hij op een mindere dag wat te inhalig was geweest. En ook de historici, commentatoren en grappenmakers vonden het leven van Bernhard al met al mooi. God is een weekje geschorst in Nederland.

Liever Bernhard dan Berlusconi.

De prins had tenminste de grandeur van zijn hobby's. Om maar iets te noemen: olifanten, meer nog dan mensen. Berlusconi doet wel alsof voetbal zijn ultieme passie is, maar in de praktijk is het spelletje een drietrapsraket naar commercie, naar populisme, naar een plebisciet.

Ik weet het niet zeker, maar ik denk dat Cruijff nog wel met een onthulling over Bernhard komt. Maandag, in zijn column in De Telegraaf. Het kan niet zo zijn dat Johan ook maar één millimeter van zijn koninklijke territorium prijsgeeft aan Ruud Gullit. Eer is eer.