Ravenswoud - Veenhuizen

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week in Drenthe.

Lang niet elk landschap kan het hebben, maar druilerig weer flatteert het land van Drenthe. De melancholie van de nevel in het Franse-mosterdgele veen, de chic van soppende zandwegen, de rust van ijle motregen zo plooit zich een statig karakter. Maar geen dul karakter: langs alle takken en sprietjes en slootjes-brugleuningen rekken zich druppels uit, wulps als de juwelen van René Lalique.

Zelfs de vogelkijkhut, iets waarvoor me normaal gesproken het zitvlees ontbreekt, wordt iets om te doen. We gaan zitten in het vochtige donkere huisje, klappen wat luikjes open en krijgen uitzicht op een verdroomde plas met honderden eenden. Geen talingen of krakeenden, het zijn gewoon de doorsnee groengekopte woerden en hun bruin gemarmerde vrouwen. Ze doen niets bijzonders. Ze drijven, ze wiegelen. Ze dommelen, snavel op de borst. Er wordt zacht gekwekkerd onder een grauwe hemel. Dat is alles. De druil maakt er een verschoten schoolplaat van, iets onwezenlijks, van vroeger.

We prijzen ons dankzij diezelfde druil gelukkig als we het Fochteloërveen doorkruisen: het ligt te kwijnen als een courtisane. Heerlijk.

We kozen voor het `natte pad', tegen het advies in van het routeboekje dat ons bang wil maken en aanraadt bij nat weer het verharde fietspad te nemen. Willen we niet. Wij laten ons het moeras niet ontnemen. Nou, het regent al dagen, langs de akkers waren de veldwegen kleddernat en vergeven van de plassen, en toch is dit beruchte pad, hoewel modderig, beslist niet onbegaanbaar. Er ligt water, maar niet zo dat het pad een beekje wordt. De repen in de grond gegraven landbouwplastic (waarvoor dienen die?) zouden een wandelaar die niet oplet kunnen laten uitglijden. Dat is alles. Alles? Nee, de ruige kleddervlakte om ons heen met die clusters vogeltjes erboven, die is alles. Wat een grandeur.

Man wijst naar wat verspreide donkere bulten. Hij zegt: ,,Grote grazers.''

,,In het moeras? Knap hoor, ik wist niet dat ze konden zweven.''

Tuk.

Op het veen volgt een schemerig bospad tussen twee soorten bos: rechts enorme naaldbomen en geheimvolle graslanen, links gouden beuken. Rechts zowel als links zijn alle paadjes voorzien van bordjes die dreigen met artikel 461. Het zal te maken hebben met Veenhuizen, het dorp van tralies en muren, met onzichtbare gedetineerden die moeten uitkijken op villa's onder pesterige namen als `Orde en tucht', `Toewijding', of `Bitter en zoet'. Stichtelijk bedoeld? Ja, me neus.

13 km. Kaarten 27, 28, 29 uit: Drenthepad. Uitg. NIVON, Amsterdam, 1999. Tel. taxi: 0516 422222. Openbaar vervoer is zeer tijdrovend. Inl. tel 0900 9292 of www.ov9292