Op elke etage waakt een soldaat

In het Pakistaanse Lahore is vanmorgen (Nederlandse tijd) het hockeytoernooi om de Champions Trophy begonnen. Onder strenge veiligheidsmaatregelen. ,,De regels van het huis.''

Het leek hem een machtig idee: met de bus vanuit India naar Pakistan. Via één van de drie grensovergangen, die beide kernmachten met elkaar verbindt: de Wagah-pas. ,,Maar toen het hek al gesloten bleek, omdat wij pas na vijven arriveerden en we met onze koffers door niemandsland struinden, zijn we voor de zekerheid eerst maar even tot het allerhoogste niveau gaan bellen.''

Glimlachend vertelt bondscoach Maurits Hendriks over ,,het inspirerende avontuur'' dat zijn Spaanse hockeyers en hij drie dagen eerder beleefden, en uiteindelijk tot een goede einde brachten. ,,Het was een once-in-a-lifetime-ervaring. Nadat alle grenswachten aan weerszijde weer waren opgetrommeld, werden we eerst hartelijk uitgezwaaid door de Indiërs en vervolgens met een kop thee onthaald door hun Pakistaanse collega's echt heel bijzonder.''

In opperbeste stemming arriveerde Hendriks woensdag dan ook met zijn selectie op de plaats van bestemming: Lahore, de stad waar vanmorgen (Nederlandse tijd) de strijd om de Champions Trophy is begonnen. Daar echter wachtte opnieuw de grimmige werkelijkheid van het Aziatische subcontinent. En die wil dat het streng-islamitische Pakistan nog altijd in de frontlinie ligt van en in de strijd tegen het internationale terrorisme.

En dus is het Pearl Continental Hotel omgebouwd tot een militair en op het oog onneembaar fort. In dit statige gebouw aan de rand van de 6,5 miljoen zielen tellende stad zijn de spelers en begeleiders van de zes deelnemende landen ondergebracht, alsmede de officials en de persvertegenwoordigers. Op elke verdieping houdt een in het legergroen gestoken soldaat de wacht, vierentwintig uur per dag. Om hun schouders bungelt een geweer.

Maar niemand in het met een detectiepoort uitgeruste hotel die aanstoot neemt aan de strenge veiligheidsmaatregelen, die de Pakistaanse overheid in samenwerking met de eveneens door militairen bestuurde hockeybond heeft genomen. ,,Prima kerels, die bewakers; ze dragen allemaal zo'n mooie soepjurk'', grijnst assistent-coach Michel van den Heuvel van Nederland in de lobby. Angstig of geïmponeerd is ook manager Harrie Delmee niet. ,,Ben je mal? Het hoort erbij. Niets aan de hand, hoor.''

Delmee heeft vandaag, een dag voor het begin van het toernooi, vooral druk overleg gevoerd met het thuisfront naar aanleiding van het overlijden van prins Bernhard. Besloten is dat titelverdediger Nederland tot en met vrijdag met rouwbanden speelt. Het openingsduel tegen Nieuw Zeeland is vanmorgen voorafgegaan door één minuut stilte ter nagedachtenis aan de voormalige beschermheer van de Nederlandse hockeybond.

Ook in en rondom het stadion, het gerenoveerde National Hockey Stadium (70.000 plaatsen), wemelt het van de soldaten en ordebewakers. Maar of al het machtsvertoon nodig is? Hendriks, voor de zevende keer in Pakistan, haalt de schouders op. ,,Men neemt geen enkel risico, zoveel is zeker. Wie de oude, historische binnenstad wil bezichtigen, vraagt aan de balie om een gewapende escorte. Dat zijn de regels van het huis. Net zo goed dat wij elke dag op en neer naar het stadion gaan met in ons kielzog zes van die gewapende kornuiten.''

Twee maanden geleden sloeg de hockeywereld de schrik om het hart, toen in doorgaans rustige Lahore een bomaanslag werd gepleegd. Vier mensen vonden de dood in de hoofdstad van Punjab, die op slechts zestig kilometer van de Indiase grens ligt. Het bleek, zo haastte de Pakistaanse hockeybond te verklaren, om een afrekening te gaan tussen rivaliserende moslimgroepen. Oftewel: niets aan de hand.

Het plotseling oplaaiende geweld was voor olympisch kampioen Australië evenwel reden genoeg zich af te melden voor het jaarlijkse toernooi tussen de zes sterkste hockeynaties ter wereld. Australië, een van Amerika's trouwste bondgenoten in de regio (Afghanistan en Irak), worstelt met een trauma sinds de bloedige aanslagen op Bali (2002) en, van recenter datum, op de eigen ambassade in Jakarta (september 2004).

Begrijpelijk of niet, de trotse Pakistanen beschouwen de boycot van Down Under als een regelrechte belediging, en hebben bij de internationale hockeyfederatie aangedrongen op tegenmaatregelen. Hendriks begrijpt wel waarom. ,,Als er één volk is dat de gastvrijheid niet alleen hoog in het vaandal heeft staan, maar daar ook nog eens handen en voeten aan geeft, dan zijn het de Pakistanen wel. Zeker in het hockey.''

Zijn collega-coach Terry Walsh van Nederland is Australisch staatsburger. Ook hij verbaast zich over de paniekreactie van regering van premier John Howard. Voor Walsh is de veiligheid ,,simpelweg geen issue''. Hij komt al jaren in Pakistan en voelt zich daar thuis. Een beetje boter op hun hoofd hebben de Australiërs wel, constateert Hendriks op zure toon. ,,Alle Australische officials zijn hier wel van de partij, dus kennelijk was dat negatieve reisadvies alleen bedoeld voor de spelers.''

Roelant Oltmans kijkt nergens meer van op sinds hij vorig najaar aantrad als bondscoach van Pakistan. Aan de vooravond van zijn laatste klus in dienst van The Green Machine Oltmans treedt per 1 januari in dienst als coach en technisch directeur van Nederland heeft hij andere zorgen aan het hoofd. Het 485 kamers tellende hotel blijkt ,,volledig overboekt'' te zijn, met als gevolg dat twee van zijn spelers voorlopig op de grond moeten slapen. ,,Het kan eigenlijk niet, maar ja: we zijn in Pakistan.''