Makkers, staakt uw wild geraas

De samenleving vergrijst, maar de vakbonden willen verjongen. De grijzende bonden zijn de samenleving jaren vooruit. Op het congres van FNV Bondgenoten, met 470.000 leden de grootste bond in de marktsector, hamerden voorzitter H. van der Kolk en FNV-voorzitter L. de Waal deze week op de noodzaak meer jongeren te binden.

Hoe? Actie loont. De stakingen hebben goed uitgepakt voor Bondgenoten: 6.500 extra leden. Verder is Van der Kolk zeer geporteerd van een rol van de bonden bij de uitvoering van particuliere sociale voorzieningen.

Hoe zit het met de markt voor nieuwe leden? De maatschappelijk-economische trends geven tegengestelde signalen. De afnemende bevolkingsgroei beperkt de ledengroei, maar langer doorwerken stimuleert langer lid blijven.

Het Centraal Planbureau (CPB) schetst in zijn vorige week verschenen Vier vergezichten voor Nederland voor de komende 36 jaar een onverbiddelijke trend met twee banenmotors. De een is commerciële dienstverlening (van handel tot uitzendbureaus), de ander is de publieke dienst (zorg en overheid). Landbouw en industrie blijven krimpen.

Pech voor Bondgenoten. De industrie is een traditionele machtsbasis, de commerciële diensten laten zich moeilijker organiseren. Lager geschoold werk verdwijnt door automatisering, hoger opgeleiden hebben een hogere eigendunk: zij redden het ook wel zonder bond.

Nu is FNV Bondgenoten de grootste bond, met een voorsprong van 100.000 leden op ambtenaren- en lerarenbond Abvakabo. Hoe lang nog? De vakbonden in de publieke dienstverlening hebben de vergrijzing aan hun kant: zorg is een groeimarkt. De permanente druk op de overheidsbegroting remt de loonstijging van werknemers bij overheid en zorg ten opzichte van die in de marktsector. Dat wordt conflictstof. Juist bij de overheid zijn sommige sectoren goed georganiseerd en strijdbaar: brandweer, politie. Succesvolle strijd trekt leden.

Maar de groei van de bonden voor de publieke zaak kan de aard van de CAO-onderhandelingen wijzigen. Zorg en onderwijs zitten vol werkers die begaan zijn met het lot van hun `cliënten', of dat nu kinderen of patiënten zijn. Zij staken niet graag. Wordt dat meer harmonie, minder actiegeraas?

Bovendien zijn het sterk gefeminiseerde bedrijfstakken, met andere CAO-wensen. De kans dat de vele deeltijdwerkers hier meer uren gaan maken is een stuk groter dan de invoering van de 40-urige werkweek.

En dan zijn er nog de onderhandelaars zelf. Verandering begint aan de top. De opvolger van De Waal wordt een vrouw.