Kunst voor de rijken

Eenmaal terug in de Verenigde Staten ziet Maartje Duin hoe haar kunstenaarsvrienden

na de verkiezingen zijn veranderd.

Bij mijn terugkeer naar de Verenigde Staten verheugde ik mij vooral op het weerzien met Tom en Tara. Tom is Amerikaan en heeft zes jaar in Nederland gewoond. Daar ontmoette hij zijn vrouw Tara, Nederlandse. Na vele omzwervingen rond de wereld streken ze neer in Los Angeles. Tom en Tara zijn kunstenaars en, in tegenstelling tot de meesten in LA, niet alleen in naam. Ze exposeren van het Stedelijk in Amsterdam tot het MOMA in New York. Tara met beelden en installaties van bontgekleurd textiel waarin critici een postfeministisch gebruik van traditioneel-vrouwelijke patronen herkennen. Tom met tekeningen van houtskool en inkt die een wat sombere, destructieve kijk op het leven verraden.

Op 3 november had ik Tom en Tara voor het laatst gesproken. Ik had ze vanuit Amsterdam gebeld om mijn medeleven te betuigen over de verkiezingsuitslag, want ik vermoedde dat ze daardoor nogal gedeprimeerd zouden zijn. Gedeprimeerd bleek niet het juiste woord. Furieus was beter.

,,Je dóet dit gewoon niet'', brieste Tom. ,,Ik bedoel: als jij in je eigen staat wilt blijven zitten en homo's wilt haten: ga je gang. Maar zadel de rest van de wereld niet op met je kleinzielige denkbeelden. Noem jezelf niet pro-life als je tegelijkertijd pro-doodstraf bent. Noem jezelf niet tegen terreur als je voor het bombarderen van een ander land bent. En gá Amerika eens uit, for christ's sake, stéék je licht eens op in een andere cultuur! Denk toch niet dat jouw land de hele wereld is!''

Maar de meeste mensen wíllen niet naar een andere cultuur, wierp ik voorzichtig tegen: ,,Jij hebt zelf toch ook geen zin om naar het platteland van Kentucky te gaan? Terwijl dat een heel andere cultuur is dan Los Angeles.'' ,,Oh nee, ik ga niet naar Kentucky'', zei Tom. ,,No fuckin' way. Ik ga me niet inleven in de Republikeinen. Dat is precies wat de Democraten de das om heeft gedaan. `Begrip tonen'. `Zelfkritiek hebben'. `Openstaan voor discussie'. If they don't care about us, why should I care about them? In een oorlog toon je toch ook geen begrip voor je vijand? Nou, wat mij betreft is het oorlog.''

Een maand later is hun stemming nauwelijks veranderd. Misschien hebben ze zich iets meer bij de nederlaag neergelegd. Ach ja, zegt Tara, op een vreemde manier was de uitslag ook een beetje een opluchting. ,,Nu weten we tenminste dat we geen macht hebben. Een maand geleden waren we nog zo naïef te denken dat wij als kunstenaars een verschil konden maken.''

De afgelopen vier jaar hadden ze zich onafgebroken opgewonden over Bush, die zijn presidentschap niet gewonnen, maar gestolen had van Gore. In de aanloop naar de verkiezingen waren ze steeds actiever geworden. Tara had T-shirts ontworpen waarop John Kerry naast John Lennon stond afgebeeld. Met Tom samen had ze het decor gemaakt voor een maatschappijkritische musical van vrienden. Ze hadden meegelopen in protestmarsen, alle debatten gevolgd.

,,En wat krijg je?'', zegt Tom, ,,één velletje papier in een stemhokje. Eén vakje om zwart te maken. En dan dit.'' Van zijn hand hoeft niemand nog politiek geëngageerde kunst te verwachten. ,,Ik ga alleen nog maar heel lelijke dingen maken die ik aan heel rijke mensen verkoop.''

Want dat, zegt Tara, is het dilemma van de kunstenaar. ,,Hoe slecht het ook gaat met de economie, in de kunstwereld gaat het nog steeds goed. Onder Bush worden de rijken alleen maar rijker. En dat zijn de enigen die zich ons werk kunnen veroorloven.''

,,Dat feit alleen al maakt mijn kunst lelijk'', zegt Tom.