Janine Jansen debuteert in Concertgebouworkest

Het Concertgebouworkest presenteerde gisteravond twee debutanten. De Engelse dirigent Jonathan Nott en de Nederlandse soliste Janine Jansen stonden beiden niet eerder voor het orkest. Vooral naar het optreden van Jansen viel uit te kijken, want ze loopt al een tijdje met het label `rijzende ster' rond. Haar vertolking van Benjamin Brittens Vioolconcert was technisch dan ook van zeer hoog niveau. Een constant zingende toon, vol en elegant tegelijk, combineert ze met een ongekende virtuositeit. Op expressief gebied liet haar uitvoering echter te wensen over. Brittens Vioolconcert, gecomponeerd in New York in de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog, zit vol spanningen, conflicten en onzekerheden. Jansen benaderde deze nogal eenzijdig: op een enkel meer lyrisch moment na, kreeg alles dezelfde felle, woedende lading. Jansen heeft een zeer fysieke manier van spelen, op zich geen enkel probleem, maar ook hier is haar expressieve repertoire enigszins beperkt. Ze is constant dezelfde snuivende, stampende, driftige diva.

Ook de andere werken op het programma hadden op de één of andere manier iets met de Tweede Wereldoorlog te maken. Karl Amadeus Hartmanns Miserae werd in 1934 voltooid, en tóen al opgedragen aan de slachtoffers van Dachau. Het werk werd door het Nazi-regime dan ook ogenblikkelijk verboden. De compositie ademt een desolate sfeer, en is doortrokken van dansritmes die zo een macaber karakter krijgen. Indruk maakten vooral de houtblazers in hun eenzame solo's, en de potsierlijke anti-oorlogsmars van het koper.

Uninterrupted Sorrow, een recente compositie van de Engelse componist Mark-Anthony Turnage, beleefde gisteren zijn Nederlandse première. Het is een stoer, energiek en indrukwekkend werk vol orkestrale krachtpatserij. Het begint met enkele massieve klankstoten waar ijle klankvelden uit voortvloeien. Hierna volgt een spetterende, noodlottige chaos, waarin Turnage over een rijke klankfantasie en grote orkestbeheersing blijkt te beschikken. Tijdens het verstilde slot, met een lyrisch duet in de altviolen, siddert het geweld nog na in de melodische percussie.

Stravinsky componeerde zijn Symfonie in drie delen tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen hij net als Britten in de Verenigde Staten verbleef. Hoewel hij zich naar eigen zeggen liet inspireren door beelden van de gebeurtenissen in Europa, was zijn compositie zonder twijfel de minst pessimistische op het programma. De hoekige motoriek en moment-achtige opzet van het werk sloten aan op het werk van Turnage, maar klonken in vergelijking hiermee toch verrassend gepolijst en toegankelijk, zelfs luchtig. Dirigent Nott leek in dit werk bijzonder in zijn element, en leidde het orkest soepel en bescheiden.

Vandaag is het Concertgebouworkest voor het eerst sinds jaren weer te gast in de Zaterdagmatinee om dit programma te herhalen. Het concert is vanaf 14.15 uur live te beluisteren op Radio 4, en wordt op 7/12 's avonds herhaald. Janine Jansen treedt bovendien op 10 en 12 december weer op met het orkest, dan met het tweede vioolconcert van Prokofjev.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Jonathan Nott, met Janine Jansen, viool. Werken van Hartmann, Britten, Turnage en Stravinsky. Gehoord: 3/12 Concertgebouw, Amsterdam. Herh.: 4/12 14.15 uur. Radio 4: 4/12 14.15 uur (live) en 7/12 20.02 uur.