Excentrieke luis in de pels van redacties

Kranten hebben altijd geprofiteerd van kritische lezers die met de pen in de aanslag hun dagblad lezen. Deugen de feiten niet? Is de conclusie onjuist of voorbarig? Reden genoeg voor een ingezonden brief – zakelijk dan wel op hoge poten – om de zaak alsnog recht te zetten. Dankzij zulke toegewijde (en soms betweterige) lezers zijn kranten al eeuwen interactieve media.

Onovertroffen als schrijfster van ingezonden brieven was Henriëtte Boas (1911-2001). Een geschiedenis van de Nederlandse dagbladpers is eigenlijk niet compleet zonder een lemma over deze onvermoeibare luis in de pels van vele krantenredacties.

Ze was een begrip. Haar brieven, soms meerdere per week en altijd ondertekend met `dr. Henriëtte Boas, Badhoevedorp', reageerden meestal op berichtgeving over Israël of kwesties die te maken hadden met joden in Nederland. Haar toon was zakelijk of scherp. Veelal gaf ze de auteur van een artikel een corrigerende tik op de vingers.

Over deze eigenzinnige en intelligente vrouw hebben Shaul Kesslassi en Dahpne Meijer een documentaire gemaakt met de titel, Ik lees de krant met een schaar. De film geeft een goed beeld van haar maatschappelijke rol, die van gedreven schrijfster van ingezonden brieven en betrokken deelnemer aan debatten over joodse kwesties. Doorgaans beperkte haar inbreng zich tot kanttekeningen van de zijlijn. Maar door haar ijzeren geheugen en haar vasthoudendheid had ze soms wel invloed op het nationale debat. Zo bracht ze in de jaren zeventig met een tip aan journalist Hans Knoop de politiek explosieve zaak rond oorlogsmisdadiger Pieter Menten aan het rollen.

De film van Kesslassi en Meijer is ook een biografisch en psychologisch portret. De excentrieke vrouw die eruit naar voren komt is emotioneel gesloten, maar ontroerend in de toewijding aan wat allengs haar missie werd. Gesprekken met haarzelf, met familieden, tijdgenoten en journalisten schetsen haar Amsterdamse jeugd (als veelbelovende gymnasiast en oogappel van haar vader), haar groeiende belangstelling voor haar joodse wortels, de oorlogsjaren die ze doorbracht in Parijs en vooral in Londen, haar werk bij de BBC, en haar mislukte emigratie naar Israël.

Terug in Nederland werd ze lerares klassieke talen. Voor de academische carrière die ze ambieerde ontbrak het haar zeker niet aan intellectuele vermogens, maar waarschijnlijk wel aan sociale vaardigheden. Als schrijfster van ingezonden brieven vond ze haar plaats in de marge van de journalistiek. Op eigen houtje voorzag zij menige krant van Correcties & Aanvullingen, jaren voordat rubrieken met zulke namen gemeengoed werden.

Ik lees de krant met een schaar, Nikmedia, Ned.1, 14.00-15.00u.