`Plan Verdonk is onhoudbaar'

De plannen van minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie, VVD) om zowel oude als nieuwe migranten verplicht te laten inburgeren, zijn in hun huidige vorm juridisch onhoudbaar. Dat stelt de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken (ACVZ) in het vandaag te verschijnen advies Van Contourennota naar Inburgeringswet.

Verdonk maakte dit voorjaar in haar Contourennota voor een nieuw inburgeringsstelsel onderscheid naar drie typen Nederlanders. Zij die voor 1 april 2003 zijn genaturaliseerd, Nederlanders die buiten de EU zijn geboren (ook Antillianen) en Nederlanders die in de EU zijn geboren. De eerste twee groepen zijn bij vestiging in Nederland verplicht een inburgeringsexamen af te leggen. Doen ze dat niet, dan worden ze beboet.

Volgens de commissie is het in strijd met de rechtszekerheid dat bij de inburgeringseisen ingrijpend onderscheid wordt gemaakt tussen autochtone en genaturaliseerde Nederlanders en Antillianen (die allen de Nederlandse nationaliteit hebben).

De adviescommissie biedt minister Verdonk wel een juridische uitweg. Om toch tot een nieuw, verplichtend inburgeringsstelsel te komen, moet niet de nationaliteit of de plaats van geboorte bepalend zijn, maar of iemand ten minste acht jaar van de leerplichtige periode (tot zestien jaar) in Nederland heeft doorgebracht. ,,Je selecteert op die manier de echte doelgroep'', aldus de ACVZ.

Verschillende groepen kunnen van deze regeling worden uitgezonderd: gepensioneerden, mensen die in een ander EU-land al zijn ingeburgerd, personen die om medische redenen het inburgeringsexamen niet kunnen halen en degenen die een diploma hebben van een Nederlandse instelling voor voortgezet of hoger onderwijs.

Volgens bronnen rondom de minister neemt Verdonk het advies over. Ze zou hierover vandaag overleggen in de ministerraad.

Een ander probleem dat de adviescommissie signaleert is dat de inburgeringsplicht in ieder geval voor de eerste generatie Turken in strijd is met het Associatieverdrag dat in 1963 tussen Turkije en de Europese Unie werd gesloten, en met de afspraken die daaraan zijn toegevoegd. Op grond van dat verdrag mogen Turkse immigranten geen beperkingen worden opgelegd die voor migrerende onderdanen uit EU-landen niet ook gelden. Of dat ook voor de Turkse werknemers van de tweede generatie geldt, betwijfelt de commissie.

Interview pagina 2