Nieuwe Land Rover raakt het ruige gevoel

Het idee is al zo oud als de mensheid: plaats een zadel, bank of stoel op een al of niet welwillende viervoeter, klim, spring of hijs u richting de zitplaats(en), neem leidsel of zweep ter hand en violà, u bent in het bezit gekomen van een voertuig dat u dwars door landschappen en terreinen zal voeren die voorheen onneembaar leken.

Olifanten, kamelen, waterbuffels en paarden worden nu nog hoogstens gemend door angstige toeristen en stoere hobbyruiters, het ruige werk wordt tegenwoordig overgelaten aan de door een verbrandingsmotor aangedreven terreinwagen.

Nederland heeft weinig tot geen oorspronkelijk ruig terrein. Ons land en eigenlijk geheel West-Europa is al eens op de schop genomen. Daar waar de overheid of belangenvereniging een oekaze heeft uitgevaardigd dat er natuur dient plaats te vinden, wordt het grondgebied weldra afgezet met hekken, verbodsborden en slagbomen. Des te verwonderlijker is het dat desondanks de populariteit van de (semi)terreinwagen tot ongekende hoogte is gestegen. Men treft ze in kuddes aan op plekken waar ze tot voor kort niets te zoeken hadden. Dit tot toenemende irritatie van andere weggebruikers die, wat formaat betreft, met heel wat minder genoegen moeten nemen.

Een als vanouds bekende producent van terreinwagens is het Engelse Land Rover. Het Britse rijk was eens in het bezit van immense koloniën en die dienden allemaal tot in de verste en meestal onbegaanbare uithoeken te worden bezocht en verdedigd. Een relikwie uit die goede oude tijd is de nog immer in productie zijnde Land Rover Defender. Maar ook die heeft, ondanks zijn waarschuwende typeaanduiding, het tij niet kunnen keren. Engeland is allang geen grootmacht meer en ook zijn ooit machtige auto-industrie is gereduceerd tot een handjevol productiebedrijven.

Maar machtiger – lees lucratiever – dan de hardnekkige werkelijkheid is het imago van stoer en onverzettelijk. Land Rover heeft dat in overvloed. Na dan eindelijk en ditmaal volledig overgenomen te zijn door het Amerikaanse Ford is er weer geld beschikbaar voor het ontwikkelen van nieuwe modellen. De zojuist uitgekomen Discovery 3 is hiervan het eerste voorbeeld.

De versies 1 en 2 waren rommelig van uiterlijk en werden geplaagd door technische problemen en een matige afwerking – dit alles tot vreugde van de groeiende concurrentie uit voornamelijk Japan en Korea. Versie 3 is van een werkelijk andere orde. Wat ziet deze wagen er goed uit! De machtige voorzijde lijkt uit een strip van Batman te zijn gestapt. De wagen oogt heel wat groter dan de vorige versie, maar dat blijkt na meting optisch bedrog. De hoge in- en uitstap vergt enige gewenning, dames met korte of kokerrokjes zijn hierbij gewaarschuwd. Wekken veel auto's de indruk dat in- en exterieur door totaal verschillende ontwerpploegen zijn bedacht, hier lopen ze vloeiend in elkaar over. Vooral het dashboard is een lust voor het oog. Door de hoge zit kijkt u op de motorkap met het formaat van een forse keukentafel; het zicht rondom op uw medeweggebruikers bezorgt u een permanent gevoel van superioriteit.

Tussen de stoelen bevindt zich een forse knop waarmee onderstel en aandrijving kunnen worden afgesteld op de volgende bodemtypes: asfalt, gras, grind, sneeuw, moddersporen en bospaden, woestijn-, strand- , duinzand, rotsen en stenen. Daarbij kan de wagen ook nog eens in hoogte worden versteld en zijn motor en carrosserie waterdicht tot een doorwaaddiepte van zeventig centimeter.

Het is een genot om contemplatief op de rechterrijbaan het daar beneden voortjakkerende verkeer in ogenschouw te nemen, de modder van een bouwput in de wielkasten te horen dreunen, het zeewater tegen deuren en ramen te horen slaan. In de stad bezorgde de Discovery me ook al geen problemen ondanks zijn forse lengte van een kleine vijf meter: een parkeerplaats is door de hoge zit al van verre zichtbaar, en andere automobilisten geven spontaan voorrang wanneer ze geconfronteerd worden met deze auto. De ballotagecommissie van de hoofdstedelijke PC Hooftstraat-club was unaniem in haar oordeel: wees welkom in ons midden, Discovery 3! Slechts 10 procent van de Land Rover-bezitters maakt wel eens gebruik van de terreinkwaliteiten. Het idee dat hun wagen het desgewenst kán, is voor de overige 90 procent al meer dan voldoende.