Muurvast in de tobbe

Je moet er goed dik voor zijn, maar het kan je wel overkomen. Stel nu dat je al spelend in bad half op je zij bent gedraaid. `Ze hoort een smakkend geluid, en hoe het precies komt weet ze niet, maar ze ligt opeens muurvast in haar eigen tobbe. Elke beweging die ze maakt lijkt haar vaster vacuüm te zuigen.' Mevrouw Gigengack kan geen vin meer verroeren en moet al denken aan potvissen die op het strand zijn aangespoeld, `hoe in lieslaarzen gehulde, sterke jongemannen met bloederige messen in hun hand op haar torso het vlees van haar botten snijden.'

Gigengack, zoals de heldin en naamgeefster van het nieuwe boek van Nelleke Noordervliet meestal wordt aangeduid, heeft haar grote lichaam oorspronkelijk te danken aan het verlangen om te zingen. In de opera graag, want `een stem moet in het vet liggen'. Voor die loopbaan is ze op het oog veel te oud, ze is in de overgang. Haar grootste talent is het uitdenken van initiatieven die de mensheid vooruit moeten helpen, zoals een beleggingsclub voor mensen met kleine pensioenen en het project De lamme helpt de blinde. `Gigengack stelt zich voor hoe rolstoelers voorlezen aan slechtzienden en hoe die laatsten op hun beurt op aanwijzing van de gehandicapte de kar voortduwen.' Ze stelt het zich voor, inderdaad, want van uitvoering is het nog nooit gekomen. Hetzelfde geldt voor een sociologische studie aan de hand van overlijdensadvertenties in de krant. Ze koestert haar filosofische gedachten, bijvoorbeeld wanneer ze zich op de markt realiseert dat de daar zo fris ogende tomaat in werkelijkheid hartstikke dood is.

Deze anarchistische geest in damesverpakking beleeft haar avonturen in korte, vaak komische hoofdstukjes, waarin ze aanvankelijk nog lichtjes door het leven rolt. Maar in de loop van het boek worden haar belevenissen serieuzer. Niet alleen omdat ze een man wil en omdat haar opvliegers haar hinderen, maar vooral omdat ze niet soepel meer kan denken. Zoals ze het zelf uitdrukt: de `tweede gedachte' wil maar niet meer komen – en daarvan raakt een denkend mens in hoge nood. Gigengack raakt `ont-w-r-icht'. Ze gaat op speurtocht naar iets anders, bij de psychiater, in het fitnesscentrum, in Berlijn, in Rusland en bij een zekere Kees Maasbal.

Mevrouw Gigengack is het soort boekje waarvan aan de buitenkant alles lichtheid uitstraalt. Op het omslag staat een cartoonachtige tekening van een oude badkuip, waarbij een vrouwenachterhoofd en twee borsten uit het water steken, en op het achterplat is de auteur in een losse bui geportretteerd met zwarte hoed op, over een zonnebril in de lens kijkend. Het doet allemaal cabaretesk aan, net als het hoofdstukje waarin Gigengack in aanraking komt met de uitreiking van de Libris literatuurprijs, zonder te weten waar ze is beland (Autoverkopers? Spullenbazen? Jaarbeurs voor jakhalzen?).

Van binnen echter, gebeurt er wel degelijk iets in het boek, én in de hoofdpersoon. Waar Gigengack door wordt geplaagd is het verlies van het geloof in de verbeelding. Jarenlang had ze genoeg aan haar gedachten. Voor de spiegel staand, was ze nooit ontevreden, ondanks haar kolossale overgewicht. Denken volstond en genieten was `een wilsbesluit'. Eenmaal ontwricht krijgt Gigengack een hekel aan haar lichaam en aan zichzelf. Verlossing moet ze buiten zichzelf zoeken, ze moet de verbeelding uit en de wereld in. Daarop volgt een aantal aanzetten tot verdieping van het personage, maar Noordervliet slaagt er niet in om, analoog aan de gefantaseerde mannen bij de potvis op het strand, het mes in haar personage te zetten. Zo is er een anticlimax wanneer Gigengack op een bruiloft in contact komt met een geïnteresseerde Rus (`Me Iwan'). Maar twee bladzijden verder zitten we weer midden in een heksenkring, waardoor Noordervliet wel de draak kan steken met menopausale zinzoeksters, maar de geestelijke nood van Gigengack niet echt invoelbaar maakt.

Zo is Mevrouw Gigengack wel een onderhoudend en mooi rond verhaal – de hoofdpersoon is gelouterd door haar tocht in de wereld en vindt haar verbeelding terug, zodat je het boek ook nog als een ode aan de kunsten en de literatuur kun lezen –, maar als lezer onderga je er zelf nauwelijks iets bij. De afloop van Gigengacks beklemming in haar eigen badkuip is in dat opzicht tekenend: `[...] ,,Eureka!'' roept ze, en laat een harde, lange wind. ,,Plop!'' zegt haar lichaam'.

Nelleke Noordervliet: Mevrouw Gigengack. Uit het leven van een dame. Augustus, 128 blz. €12,50. Ook verschenen op 4 cd's. Rubinstein, €16,95