Antilliaanse rechter vonnist in eigen zaken (Gerectificeerd)

Ook op de Antillen mogen rechters niet oordelen in zaken waarin zij partij zijn. Maar Luis de Lannoy vonniste in een zaak waar familie bij betrokken was.

De president van het Gemeenschappelijke Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, Luis de Lannoy, heeft vorige maand gevonnist in een civiele zaak waarbij een oud-zakenpartner en familielid betrokken was.

De bestaande gewoonte op de Nederlandse Antillen is, net als in Nederland, dat rechters niet oordelen over kwesties als hun onpartijdigheid niet gegarandeerd is. De president van het Gemeenschappelijk Hof zegt niet te hebben geweten dat de Curaçaose zakenman Leo Rolfast, getrouwd met de zus van De Lannoy, directeur is van een van de procespartijen. De Lannoy: ,,Als het zo is, is dat bezwaarlijk. Ik schrik ervan.'

Rolfast is directeur van de private telecom-onderneming Antillean Network Management (ANM) NV. Dat bedrijf vocht afgelopen jaren een `telefoonoorlog' uit op het eiland Curaçao tegen het telefoonbedrijf Setel/UTS, een overheids-NV. In de civiele procedure van ANM tegen Setel/UTS oordeelde De Lannoy in november dat Setel/UTS zijn mobiele netwerk moet openstellen voor het private ANM.

De Lannoy zegt geen contact te hebben met Rolfast. Het directeurschap van zijn zwager en tevens zakenvriend staat vermeld in het openbare handelsregister van de Kamer van Koophandel in Willemstad. De Lannoy zegt dat niet te hebben geraadpleegd: ,,Ik kan dat moeilijk bij iedere zaak doen.'

De gedragsregels voor rechters van het Gemeenschappelijk Hof komen in grote lijnen overeen met wat in Nederland is vastgelegd in de `Leidraad onpartijdigheid van de rechter', zegt Th. Groeneveld. Hij is lid van de Raad voor de Rechtspraak, de overkoepeling van de rechterlijke organisatie in Nederland. Groeneveld is tevens plaatsvervangend lid van het Gemeenschappelijk Hof van de Nederlandse Antillen en Aruba. De leidraad bevat aanbevelingen die moeten aanzetten ,,tot permanente oplettendheid van rechter en gerecht' om de rechterlijke onpartijdigheid te bewaken.

Behalve persoonlijke banden hadden De Lannoy en Rolfast ook zakelijke banden, zo blijkt uit onderzoek van NRC Handelsblad. Samen handelden ze jarenlang in onroerend goed en ontwikkelden ze bouwprojecten. Eind jaren tachtig, begin jaren negentig investeerden ze via de vennootschap Mill Resort in de bouw van een 200 kamers en suites tellend toeristisch project rond een Hollandse windmolen op Aruba. De Lannoy werd in 1990 benoemd tot rechter. Sinds 1993 is hij president.

De Lannoy ontkent noch bevestigt dat hij nog steeds actief is als eigenaar van een andere Arubaanse onroerendgoed- en investeringsonderneming, Jappy NV. ,,Stel dat dat zo is, wat is daar dan mis mee?' aldus De Lannoy.

Jappy werd in 1983 door De Lannoy op Curaçao opgericht. Twee jaar later verplaatste hij de onderneming naar Aruba, waar hij Jappy liet afschermen door een managementtrust. Dat de president van het Gemeenschappelijk Hof nog banden heeft met Jappy blijkt uit het feit dat in het handelsregister een brief bewaard wordt waarin De Lannoy zichzelf ,,gevolmachtigde' van de NV noemt. De broer van de echtgenote van De Lannoy staat ingeschreven als directeur.

Via Jappy en een ander bedrijf (Jonak Real Estate NV) blijkt De Lannoy samen met zwager Rolfast ook betrokken bij grootschalige projectontwikkeling op Curaçao in de jaren '80. Jappy was mede-eigenaar van de investeringsmaatschappijen Scel Grondontwikkeling NV en Zepateer NV. In beide ondernemingen had ook schoonbroer Leo Rolfast een aandeel. Scell had volgens de statuten tot doel de bouw van ,,gelegenheden tot vermaak en ontspanning, waaronder begrepen de bouw van hotels, casino's, restaurants en cafés.'

Rectificatie

Antilliaanse rechter

De kop Antilliaanse rechter vonnist in eigen zaken (3 december, pagina 3) suggereert dat de betrokken rechter zelf terechtstond. Het desbetreffende artikel ging over een zaak waar familie van de vonnissende rechter bij betrokken was.