Troepen VS in Irak naar 150.000 man

De Verenigde Staten hebben besloten de militaire aanwezigheid in Irak in de aanloop naar de verkiezingen van 30 januari met 12.000 man te versterken tot in totaal 150.000 man.

Dat heeft het Amerikaanse ministerie van Defensie gisteren bekendgemaakt. Sinds het begin van de oorlog in Irak, in maart 2003, zijn niet eerder zoveel Amerikaanse militairen in Irak geweest, zo zei generaal David Rodriguez, adjunct-directeur operaties van de verenigde staven op een persbijeenkomst in Washington. Tot dusverre was het grootste aantal Amerikaanse militairen in Irak 148.000 in mei 2003. Afgelopen april noemde de Amerikaanse minister van Defensie Donald Rumsfeld het aantal van 135.000 militairen in Irak al ,,ongebruikelijk hoog''; indertijd had Washington juist verwacht dit aantal tot 115.000 te kunnen terugbrengen.

,,Het doel is voornamelijk om veiligheid te verschaffen voor de verkiezingen'', zei Rodriguez gisteren. ,,Maar het is ook om de druk op de opstand te houden na de Falluja-operatie'', voegde hij eraan toe. Meer dan 10.000 Amerikaanse mariniers maakten vorige maand in een groot offensief een eind aan de overheersende aanwezigheid van rebellen in deze stad. Maar er zijn nog steeds verzetshaarden in Falluja, en Amerikaanse mariniers klaagden gisteren dat op sommige plekken opstandelingen terugkeren in eerder uitgekamde buurten. In totaal zijn sinds het offensief op 8 november begon nu 71 Amerikaanse militairen in en bij Falluja gesneuveld, zo maakte het leger gisteren bekend. De 300.000 burgers mogen nog steeds niet terug naar hun stad.

De uitbreiding van het aantal militairen in Irak wordt gerealiseerd door bepaalde eenheden twee maanden langer te laten blijven dan eerder gepland en 1.500 man luchtlandingstroepen uit Fort Bragg, North-Carolina, de komende dagen voor ongeveer drie maanden naar Irak te sturen. Het plan is om de troepensterkte vanaf maart weer te verminderen.

Een van de grote problemen waarvoor Washington zich ziet gesteld is dat de rebellenactiviteit in het sunnitische midden van het land ondanks doorgaande tegenoffensieven groot blijft en dat de Iraakse veiligheidsdiensten niet tegen hun taak opgewassen blijven. Het laatste voorbeeld was vorige maand Mosul, de op twee na grootste stad van Irak, waar tweederden van de ongeveer 5.000 politiemannen van hun posten verdwenen toen enkele honderden opstandelingen in de aanval gingen. De Amerikanen hadden gehoopt dat de komende verkiezingen voor een groot deel door Iraakse agenten en militairen zouden kunnen worden beveiligd, maar dat zal niet het geval zijn.

De Amerikaanse ambassade verbood haar employés vandaag om de grote weg tussen Bagdad en de internationale luchthaven nog langer te gebruiken. Deze 16 kilometer weg wordt beschouwd als een van de gevaarlijkste van het land. Weggebruikers zijn er toenemend doelwit van bomaanslagen, zelfmoordacties en andere aanvallen.