Statige pop van frêle meisje en bonenstaak

Dat Glasgow een stad is met een rijk muzikaal potentieel is een inzicht dat verder teruggaat dan de pijlsnelle opkomst van Franz Ferdinand. Het heeft iets onrechtvaardigs dat de Delgados tot dusverre niet van die aandacht geprofiteerd hebben, ook al omdat bands als Mogwai en Arab Strap uitgerekend via hun platenlabel Chemikal Underground hun weg naar de buitenwereld vonden.

Na twee rijkelijk georkestreerde albums onder leiding van producer David Fridmann, ook bekend van Mercury Rev en Flaming Lips, is hun laatste album Universal Audio weer een stuk basaler van opzet, zonder dat de liedjes aan melancholieke charme hebben ingeboet. Live ligt de nadruk nog sterker op de wisselwerking tussen Emma Pollock en Alun Woodward, een frêle meisje en een bonenstakerige jongeman die zich hardop verbaast over die rare Nederlandse gewoonte om tegen betaling kleffe happen uit de muur te eten.

Beurtelings nemen ze de leadzang voor hun rekening, soms gebed in kunstige, vierstemmige koortjes. Met twee toetsenlieden in de gelederen, die heel handig dubbelen op viool en cello, kunnen ook de bewerkelijke arrangementen van de vorige platen aardig worden benaderd.

Het resultaat is een transparante, lief klinkende mix van handig vervlochten lagen. De Delgados maken geen stoere muziek, maar een statisch soort kamerpop van het soort waarin ook de veel succesvollere stadgenoten Belle And Sebastian uitblinken.

Maar toch duikt er soms enig venijn op: in de grimmig aangeslagen gitaarakkoorden van Pollock en Woodward, in een pastorale vioolpartij die uit kan lopen op grimmig gekras en bovenal in de machtige gitaar- en bascrescendo's, die met veel dramatiek en decibellen bij sommige liedjes door het zoetige oppervlak heenbreken. Die dubbele bodem maakt van een optreden van de Delgados een spannende aangelegenheid.

Concert: Delgados. Gehoord: 1/12, Vera Groningen. Herhaling 2/12, Nighttown Rotterdam, 3/12, De Helling Utrecht.