Ministers moeten scoringsdrift inperken

De overheid moet zelf meer openheid van zaken geven in plaats van de journalisten te verwijten dat zij de klok niet van klepel kunnen onderscheiden. Dat schreef Mark Kranenburg op de opiniepagina van 30 november als aanloop naar het debat over de begroting van Algemene Zaken. Dat Kamerdebat met premier Balkenende zal niet alleen over het gebrek aan openheid gaan. Het is vooral het gebrek aan eenheid, waar de oppositie hem op zal aanvallen.

In de weken na de moord op Van Gogh ontstond publiekelijk geruzie tussen ministers Zalm, Remkes, Donner, Verdonk en Balkenende. In die flapuitsfeer ging het over de godslastering en over de `oorlog' tegen de extremisten. Al dat `Haagse gedoe' schaadt de eenheid die het kabinet moet uitstralen, schreven de communicatie-adviseurs van enkele ministeries in opdracht van Balkenende.

`Bruggen bouwen en grenzen stellen' heet hun vertrouwelijke advies aan het kabinet, dat hoe kan het anders prompt uitlekte. Het bevat een terechte aansporing: ministers moeten eensgezind en daadkrachtig naar buiten treden, zeker in een tijd dat het land in rep en roer is. Er moet beter gecommuniceerd worden en vooral beter onderling afgestemd.

Veel bedrijven brengen in crisissituaties een simpele communicatieregel in de praktijk: één boodschap voor de buitenwereld door één woordvoerder en verder houdt iedereen zijn mond. Maar ministers beslissen zelf of ze de media opzoeken. Daarin laten ze hun eigen partijpolitieke en electorale belangen de boventoon voeren.

In die politieke werkelijkheid krijgen de communicatie-experts van diezelfde ministers de opdracht een plan op te stellen om beter te communiceren. De meeste communicatie-adviseurs op de ministeries zijn doorgewinterde strategen, maar benijdenswaardig zijn ze in dit soort situaties niet. Hoe kun je de eenheid in de communicatie bevorderen als de ministers die eenheid ondergeschikt maken aan hun individuele beeldvorming?

Dit is het antwoord van het kabinet: er komt een ambtelijke `coördinatie-eenheid voor kabinetsbrede communicatie'. De ministerraad besloot daar afgelopen vrijdag toe. Zo'n nieuwe afstemmingsgroep zal vast een beetje helpen de eensgezindheid naar de buitenwereld te verbeteren, maar er is meer aan de hand dan communicatie alléén. Het is beter dat de ministers onderling afspreken dat zij in nationale crises hun individuele politieke scoringsdrift beteugelen.

Laat de minister-president tijdelijk het enige `gezicht' zijn. Laat hem het volk toespreken, de praatprogramma's vullen en de kinderen in de gebedshuizen over de bol aaien.

Intussen moeten de vakministers hun werk doen om het land veiliger te maken. En als ze dat goed doen, mogen ze daarover vervolgens uitbundig communiceren.

Erik van Venetië is adviseur over media en politiek bij Berenschot Communicatie.