Jos de Gruyter

Toen bekend werd dat W. Jos de Gruyter in 1955 directeur zou worden van het Groninger Museum, schreef de Telegraaf dat hij ,,de Sandberg van het Noorden'' zou worden. De Gruyter was toen al jaren een gezaghebbend criticus met veel belangstelling voor moderne kunst. De Gruyter heeft het Groninger Museum inderdaad de nieuwe tijd in getild, zoals Willem Sandberg dat deed met het Stedelijk in Amsterdam. Heel toepasselijk is nu dat tegelijk met de aandacht die in Amsterdam aan oud-directeur Sandberg wordt besteed, in Groningen een overzicht te zien is van de aanwinsten van De Gruyter uit zijn directeursperiode tot 1963. Hij vond dat een museum niet alleen moest conserveren, maar ook stimuleren. Hij richtte zich om te beginnen op de hedendaagse kunst die dicht bij huis, in Groningen zelf, was ontstaan. Hij beschouwde het expressionistische werk uit de jaren 1920 van de kunstenaars van De Ploeg als het uitgangspunt voor de moderne collectie. Hij maakte ook het kader van die kunst zichtbaar door werken aan te kopen van Duitse en andere expressionisten zoals Kirchner en Paula Moderssohn-Becker. Wonderlijk is wel dat hij 25 jaar na zijn dood alweer bijna lijkt te zijn vergeten. In Zelfportret als zeepaardje, dat zorgvuldig is uitgegeven door het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie, schrijft hij niet alleen over de kunst, maar ook over zijn leven. Het boek is behalve een aardige invoering in de twintigste-eeuwse Nederlandse kunstwereld, ook een kennismaking met een begaafde, gevoelige schrijver-criticus: een mooie posthume comeback.

Keerpunt. Keuze uit het aankoopbeleid van Jos de Gruyter t/m 13 maart Groninger Museum, Museumeiland 1. Di-zo 10-17u.