De naastenliefde van Halifax

Toen op 11 september 2001 het Amerikaanse luchtruim werd gesloten, opende Canada zijn deuren voor de gestrande reizigers. Gisteren bedankte de Amerikaanse president de Canadezen voor hun naastenliefde.

Bill Hooper denkt nog vaak terug aan de dag dat bijna 800 mensen onaangekondigd kwamen logeren in zijn dorp, Lewisporte in het Oost-Canadese Newfoundland, een afgelegen plaatsje met 3.800 inwoners. Het was 11 september 2001.

Voordat iemand er erg in had kreeg Lewisporte in de loop van die dag drie transatlantische vluchten met gestrande reizigers over de vloer, van wie niemand die ochtend wist dat dit plaatsje bestond. Wat volgde was een spontaan festijn aan menselijke emoties tussen volkomen vreemdelingen, van verdriet en frustratie tot warmte en plezier.

,,Een van de gevolgen van 11 september was dat we vriendschappen voor het leven hebben gesloten,'' zegt Hooper. De passagiers werden met schoolbussen overgebracht vanuit Gander, vertelt hij, waar in totaal 39 vliegtuigen waren geland die op weg waren van Europa naar de Verenigde Staten, waar na de aanslagen het luchtruim werd gesloten. De onverwachte gasten, geschokt over de gebeurtenissen in New York en Washington, werden voor drie of vier dagen ondergebracht in scholen, buurtcentra, sportzalen en bij mensen thuis. ,,We hebben ze gevoed en vermaakt met muziek en verhalen,'' zegt Hooper. ,,Sommige passagiers waren eerst zeer van streek, en we wilden hun aandacht afleiden van wat er in hun land gebeurde.''

Hooper en zijn vrouw Thelma boden Shirley Brooks-Jones, een Amerikaanse die op weg was naar haar woonplaats Columbus, Ohio, hun logeerkamer aan. Zij en haar medepassagiers van een Delta-vlucht waren zo onder de indruk van de ontvangst in Newfoundland, van barbecues en speciaal gebakken appeltaarten, van volksmuziek en uitstapjes met onverwachte vrienden in de ruige omgeving, dat ze sindsdien een fonds hebben gevormd met studiebeurzen voor de plaatselijke jeugd. Lewisporte, geen rijk dorp, heeft uit dankbaarheid 800.000 dollar ontvangen voor dat doel.

Gisteren, meer dan drie jaar na dit grotendeels onopgemerkte aspect van 11 september, werden Canadezen officieel bedankt voor hun hulp in de dagen na de terreuraanslagen. President George W. Bush memoreerde tijdens een bezoek aan Canada dat het buurland in totaal zo'n 225 intercontinentale vluchten opnam nadat het luchtruim boven de Verenigde Staten was afgesloten voor alle verkeer. Toestellen vanuit Azië en Europa die niet konden terugkeren weken met tientallen tegelijk uit naar Canadese vliegvelden, en lieten een stroom van in totaal 33.000 plotselinge vluchtelingen los op de steden en dorpen van met name de Canadese oostkust.

,,Dagen na 11 september schoten de Canadezen mannen, vrouwen en kinderen te hulp die in verwarring waren en zich zorgen maakten,'' zei Bush in Halifax. ,,U opende uw huizen en uw kerken voor vreemdelingen, en vroeg geen tegenprestatie. Dit noodgeval bracht de ware gevoelens van Amerikanen en Canadezen voor elkaar naar boven. Dank u wel voor uw goedheid op een moment dat Amerika hulp nodig had.''

De onkarakteristieke dankbetuiging van Bush was een onmiskenbaar gebaar van toenadering tot de Canadezen. Een groot aantal Canadezen was verontwaardigd toen Bush, tijdens zijn eerste toespraak tot het Amerikaanse Congres na 11 september, een waslijst aan landen bedankte voor hun steunbetuigingen na de terreuraanslagen – hij was onder meer Egypte en El Salvador erkentelijk – maar Canada daarbij ongenoemd liet.

Hoewel de populariteit van Bush in Canada gering is, viel zijn handreiking gisteren in goede aarde. ,,Hij had het eerder kunnen doen, maar we zijn blij en vereerd dat hij nu is gekomen,'' zegt Brian Warshick uit Dartmouth, Nova Scotia, een buurgemeente van Halifax. Warshick en zijn vrouw boden destijds onderdak aan een Australisch gezin met twee kleine kinderen dat onderweg was van Londen naar Boston. Ze trakteerden hen op een toer langs de pittoreske vuurtorenroute aan de kust van Nova Scotia, en onderhouden nog altijd contact.

Niet dat het Warshick te doen was om een officieel bedankje, zegt hij. De ware beloning was te zien hoe zijn regio, Atlantisch Canada – economisch achtergebleven, maar bekend om zijn vrijgevigheid – reageerde op een noodsituatie. In Halifax werden binnen enkele uren 44 onvoorziene vluchten aan de grond gezet; een van de landingsbanen werd een lange parkeerplaats voor jumbojets. ,,De hele gemeenschap kwam samen. Mensen meldden zich om hun huizen beschikbaar te stellen, of gingen naar de opvangcentra om voedsel en vermaak aan te bieden. Het maakte me trots een Atlantische Canadees te zijn.''

In Halifax deelde de Canadese premier Paul Martin gisteren in een opgewekt verzoeningsfeestje met Bush. ,,Dit is wat buren voor elkaar doen, wat vrienden voor elkaar doen,'' zei hij.

Het valt evenwel te bezien of die goede buur ook bijspringt bij de vorming van een Noord-Amerikaans raketschild in de ruimte, zoals Bush de Canadese regering na zijn hartelijke woorden opriep te doen. Steun te verlenen aan wat Canadezen veelal beschouwen als een nieuw `Star Wars' zou premier Martin en zijn regering stemmen kunnen kosten bij de volgende verkiezingen.