Tweede ambtstermijn voor president Colombia mogelijk

Het Colombiaanse Congres heeft gisteren ingestemd met een grondwetswijziging waardoor het voor president Álvaro Uribe mogelijk wordt om in 2006 opnieuw mee te doen aan de presidentsverkiezingen.

Tot dusver was er een grondwettelijk verbod op een tweede ambtstermijn voor de president. Uribe, die halverwege zijn ambtstermijn is, gaf in een interview in april echter aan dat hij meer tijd nodig heeft om een einde aan het geweld in het Zuid-Amerikaanse land te maken.

Met 113 stemmen voor en 16 tegen, en na acht debatrondes, nam het Congres de wetswijziging aan. Volgens de parlementariërs reflecteert de stemming de wens van de bevolking, van wie – zo blijkt uit recente peilingen – ruim 70 procent van de Colombianen instemt met een tweede ambtstermijn voor de president. Uribes succesvolle, harde aanpak van paramilitairen, guerrillagroeperingen en drugshandelaren kan na vier decennia strijd waarbij jaarlijks gemiddeld 3.500 doden vallen onder de bevolking op veel steun rekenen.

Tegenstanders menen echter dat wanneer een president opnieuw kan worden gekozen corruptie in de hand wordt gewerkt. Zij wijzen naar Argentinië en Brazilië, waar de tweede ambtstermijnen van Carlos Menem en Fernando Henrique Cardoso werden gekenmerkt door ineffectiviteit en corruptie. Bovendien concentreert volgens de critici de macht zich in een tweede termijn te veel bij de president. De meeste Latijns-Amerikaanse landen hebben, na het einde van militaire dictaturen in de jaren tachtig, in de grondwet vastgelegd dat een president slechts één ambtstermijn mag dienen.

Volgens de Colombiaanse krant El Tiempo heeft het Congres wel besloten tot het invoeren van een overgangsregeling. Die stelt dat een zittende president ,,alleen gekozen kan worden voor een nieuwe presidentiële periode''.

Het Constitutionele Hof van Colombia moet nu nog instemmen met de grondwetswijziging voor deze van kracht wordt.