`Rugzak' zorg blijft in stand

De uitvoering van het persoonsgebonden budget (pgb) voor ouderen, chronisch zieken en gehandicapten blijft gelijk. Bij deze bijna 70.000 uitgekeerde financiële `rugzakjes' voor huishoudelijke hulp of verzorging is vrijwel geen sprake van misbruik. Dat schreef Staatssecretaris Ross (Welzijn, CDA) in een evaluatie van het pgb gisteren aan de Kamer.

Ruim driekwart van de mensen die gebruik maakt van een pgb besteedt dit geld aan familie, vrienden of kennissen.

Het pgb werd in 1997 ingevoerd. Sinds maart 2003 kunnen mensen het bedrag dat ze nodig hebben voor de financiering van de hulp op hun eigen rekening gestort krijgen. Regionale indicatie-organisaties stellen vast op hoeveel zorg vragers recht hebben.

Over de besteding van het geld moeten ontvangers nu nog maandelijks verantwoording afleggen. Volgens Ross kan vanaf volgend jaar, als budgethouders naar tevredenheid twaalf maanden lang verantwoording over de besteding hebben afgelegd, die verantwoording worden beperkt tot één keer per kwartaal. Dit leidt tot een aanzienlijke vermindering van de administratieve kosten.

Met het pgb is dit jaar bijna negenhonderd miljoen euro gemoeid. Het budget dat wordt toegekend bedraagt gemiddeld 15.234 euro per jaar. Per maand kwamen er tot 2004 duizend budgethouders bij. Dit jaar is het groeitempo lager: zo'n zeshonderd nieuwe bugethouders per maand. Tweederde van de budgethouders besteedt het geld aanhuishoudelijke hulp. Bijna de helft van de mensen met een pgb krijgen het geld voor meerdere vormen van hulp: naast huishoudelijk hulp kan dat verzorging, begeleiding, verpleging en tijdelijk verblijf zijn.

Ross wijst het advies van het College voor Zorgverzekeringen van de hand om einde maken aan de mogelijkheid met het pgb een inwonend familielid te betalen dat de benodigde hulp biedt. Het College vreest dat door het handhaven van die mogelijkheid familieleden in de toekomst alleen nog maar willen bijstaan als zij daarvoor geld krijgen.