Regels belemmerend voor dienstverlening

Ziekenhuizen, scholen en woningcorporaties hebben te lijden onder de ,,verstikkende stapeling van toezicht en verantwoording'' die de overheid hun oplegt. Dat leidt tot ,,verspilling en middelmatige prestaties''.

Dat staat in het vanmorgen gepresenteerde rapport Bewijzen van goede dienstverlening van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Ook staan de regels ,,betrokken zorg en goede dienstverlening aan burgers, cliënten en patiënten'' in de weg, aldus deze adviesraad.

De WRR concludeert dat de overheid meer vertrouwen moet hebben in initiatieven van professionals en bestuurders in sectoren als zorg, onderwijs, volkshuisvesting, welzijn en arbeidsvoorziening.

De WRR heeft onderzoek gedaan naar het functioneren van maatschappelijke dienstverlening in vijf sectoren: onderwijs, zorg, welzijn, volkshuisvesting en arbeidsvoorziening. Daaruit is gebleken dat ,,professionals, bestuurders, cliënten en de overheid'' niet goed samenwerken, waardoor dienstverlening in de knel komt. De overheid heeft volgens de WRR in het verleden te veel gedacht dat door controle de prestaties van de instellingen vanzelf zouden verbeteren.

Het kabinet is wel bezig om regeldruk te verminderen en zowel de burger als bedrijven en maatschappelijke organisaties meer ruimte te geven, maar dat gaat volgens prof.dr. P. Meurs van de WRR nog niet hard genoeg: ,,Het is nog te weinig aan de orde.'' Uit onderzoek van het adviesorgaan van de overheid blijkt dat te hoge regeldruk, onduidelijkheid over verantwoordelijkheden of een discrepantie tussen vraag en aanbod negatieve effecten hebben in de vijf onderzochte sectoren. ,,Overheidsingrepen hebben deze problemen niet kunnen verhelpen, en soms zelfs versterkt.''

De overheid heeft zich te eenzijdig beziggehouden met bezuinigingen, reorganisaties en grote bestuurlijke operaties. De onderzochte sectoren zijn daardoor ,,te lang gevangen gehouden in een ineffectief besturingsmodel'', dat te typeren valt als ,,boedelscheiding''. Volgens de WRR heeft de overheid bijvoorbeeld te zeer beleid en uitvoering willen scheiden.

De WRR adviseert de overheid af te stappen van het wantrouwen en de organisaties juist ruimte te geven om hun werk meer naar eigen inzicht uit te voeren. ,,De raad wil de positie en mogelijkheden van de instellingen en de daarin werkzame professionals versterken en daar waar nodig in ere herstellen.'' Dat moet volgens de raad niet gebeuren door de instellingen een `blanco cheque' te geven, maar door hen aan te sporen betere kwaliteit te leveren in hun werk.

Als ze daarin slagen, moeten ze worden beloond voor hun inspanningen. Andere instellingen kunnen op deze manier leren van de organisaties die vooroplopen in de vernieuwing. Als organisaties achterblijven en slecht werk leveren, dient de overheid hun sancties op te leggen, zo meent de WRR.

CONTROLEZUCHT: pagina 7