Grootste Davis-Cupfinale ooit

De tennissers van Spanje en de Verenigde Staten strijden vanaf vrijdag in het zwaar beveiligde Estadio Olímpico van Sevilla om de Davis Cup.

De Davis-Cupfinale tussen Spanje en de Verenigde Staten is een risicoduel. Om de vijf partijen vrijdag, zaterdag en zondag in het immense tennisstadion in goede banen te leiden, zetten de Spanjaarden maar liefst achttienhonderd mensen in. Bruno Pasqual, verantwoordelijk voor de veiligheid bij Davis-Cupduels in Spanje, heeft niets aan het toeval overgelaten. In het Estadio Olímpico van Sevilla zullen duizend agenten, vierhonderd leden van de guardia civil, tweehonderd beambten van de gemeentepolitie en tweehonderd bewakers de partijen op het gravel gadeslaan.

Sinds de selecties van Spanje en de Verenigde Staten in Sevilla arriveerden, krijgen de tennissers 24 uur per dag bewaking. In het stadion, in de auto, op straat, in het restaurant en in het hotel kunnen spelers als Juan Carlos Ferrero, Carlos Moyá, Andy Roddick en Mardy Fish geen stap zetten zonder een lijfwacht in hun nabijheid. Boven de speciaal gebouwde tennisarena in het stadion van Sevilla dat plaats biedt aan 26.600 fans, is al het vliegverkeer verboden. Alleen helikopters van de politie mogen boven de plek vliegen waar in 1999 het WK atletiek plaatshad.

Iedere toeschouwer die een kaartje heeft weten te bemachtigen voor de 92ste Davis-Cupfinale sinds 1900, moet langs metaaldetectiepoortjes. Met speciale scanners die normaal gesproken alleen op vliegvelden worden gebruikt, zullen jassen en tassen nauwkeurig worden bekeken. Het zal de Spanjaarden niet tegenhouden om hun land naar de tweede overwinning in vijf jaar te schreeuwen. In 2000 won Spanje voor eigen publiek de Davis Cup in de finale tegen Australië in de Catalaanse tennisstad Barcelona.

Met de keus voor de gelegenheidsarena in Sevilla hopen de Spanjaarden een historische ambiance te creëren. In het uitverkochte stadion moet vrijdag een toeschouwersrecord gebroken worden. Tot dusver staat de finale tussen Australië en de Verenigde Staten uit 1954 met 25.578 fans in Sydney als best bezochte officiële tennisontmoeting in de boeken. Een demonstratiepartij tussen Billie Jean King en Bobby Riggs in 1973 trok overigens in Houston Astrodome maar liefst 30.472 toeschouwers. Maar deze door King gewonnen battle of the sexes wordt niet gezien als officiële partij, waardoor Spanje nu het Guiness Book of Records hoopt te halen. Maar nog liever komen de Spanjaarden als winnaar uit de strijd.

Net als vier jaar geleden tegen Australië begint de formatie van captain Jordi Arrese als de grote favoriet aan de eindstrijd. Hoewel de Amerikaan Roddick op de ATP-tour nooit van een Spanjaard verloor, zijn de Zuid-Europenanen op gravel bijkans onverslaanbaar. Spanje heeft als thuisspelend land het voordeel dat het niet alleen de locatie, maar ook de ondergrond mocht bepalen. Speciaal uit Barcelona werden tonnen gravel naar Sevilla verplaatst. Hoe langzamer de baan, hoe groter het voordeel voor de Spanjaarden is.

Daar waar de Amerikanen zijn opgegroeid op hardcourtbanen, zijn de Spanjaarden grootgebracht op gravel. Zowel Ferrero als Moyá wist in het verleden het toernooi van Roland Garros op zijn naam te schrijven. Het Parijse evenement wordt in Spanje als het belangrijkste grandslamtoernooi gezien, terwijl de Amerikanen zweren bij de US Open.

De Spanjaarden zijn ook uit op revanche voor hun verloren kwartfinale in 2002 tegen de Amerikanen. Destijds speelden de Verenigde Staten in Houston op een grasbaan. In de aanloop naar de finale liet de Spaanse ploeg weten dat ze ontmoeting in Houston nog niet vergeten waren.

,,Ik loop al twintig jaar mee in de Davis Cup, maar ik ben nog nooit zo slecht behandeld als toen in Houston'', stelde Arrese deze week in een vraaggesprek met de Spaanse krant Marca. ,,De Amerikanen gedroegen zich als de koningen van de wereld. We hadden in de kleedkamers niet eens een douche, terwijl zij een bubbelbad hadden. We hadden zelfs een probleem als we naar het toilet moesten. We zullen de Amerikanen hier echter net als in het verleden goed ontvangen.''

Spanje heeft een bedrag van circa twee miljoen euro uitgetrokken voor het organiseren van de Davis-Cupfinale. De ploeg die dit voorjaar in de kwartfinale op Mallorca nog afrekende met Nederland, is thuis al elf keer op rij ongeslagen. Maar als naar de onderlinge ontmoetingen wordt gekeken, zijn de Amerikanen in het voordeel. Roddick staat op 12-0 tegen Spaanse tennissers en Fish verrassend op 4-1. Daarbij moet wel worden vermeld dat van die zestien zeges er slechts één op gravel plaatsvond – Roddick in 2002 tegen Tommy Robredo in Rome.