Bush hoopt op liefde van oude vriend

Vier jaar geleden was het geen liefde op het eerste gezicht tussen de Amerikaanse president en Canada. Nu hoopt Bush op een herkansing.

Herkozen, wijzer, en wellicht een tikkeltje verzoeningsgezinder kwam de Amerikaanse president George W. Bush gisteren naar de Canadese hoofdstad Ottawa. Aan Canada de eer om de eerste halte te zijn van een toer langs hoofdsteden van afgedreven bondgenoten die zich verzetten tegen de oorlog in Irak – een charmeoffensief van het Witte Huis, bedoeld om een nieuw begin te maken met buitenlandse betrekkingen.

Het presidentiële bezoek aan Canada – haastig ondernomen op initiatief van Washington – biedt Bush naar hij hoopt een herkansing bij de noorderburen. Vier jaar geleden was het geen liefde op het eerste gezicht tussen de Amerkaanse president en liberaal Canada. Bush brak destijds met een decennia oude, ongeschreven regel die voorschreef dat een pas gekozen Amerikaanse president voor zijn eerste buitenlandse bezoek naar Canada gaat. Hij ging naar Mexico en het kwam er de afgelopen vier jaar niet van het andere buurland aan te doen voor een officieel bezoek (twee internationale topconferenties in Canada daargelaten).

Canada, dat de Verenigde Staten graag mag hekelen maar ook zeer opgetogen raakt als de president belt, is gevoelig voor dergelijke blijken van geringschatting. En de tweedetermijn-Bush kan dit kennelijk genoeg schelen om een poging te doen de bekoelde betrekkingen alsnog te verbeteren. De twee buurlanden onderhouden 's werelds grootste handelsrelatie en zijn nauw met elkaar verbonden op gebieden als veiligheid. Maar de relatie leed in de afgelopen jaren onder een persoonlijke animositeit tussen Bush en de voormalige Canadese premier Jean Chrétien, en onder het feit dat Canada nadrukkelijk zijn steun onthield aan de oorlog in Irak – een beslissing die zeer populair was onder de Canadese bevolking.

Zand erover, was gisteren de teneur van Bush en de huidige Canadese premier Paul Martin. ,,Canada is een oude vriend en gewaardeerde bondgenoot van Amerika,'' zei Bush. ,,We staan zij aan zij tegen de terreur, een strijd die meer vereist dan militaire macht alleen.'' Hoewel Canada zich niet alsnog aansluit bij de oorlogscoalitie, bespraken de twee leiders wel andere manieren waarop Canada kan bijdragen aan de wederopbouw van Irak – humanitaire hulp, bijvoorbeeld, of assistentie bij de voorgenomen verkiezingen.

Volgens Charles Doran, Canada-deskundige bij het Center for International and Strategic Studies in Washington, is mogelijke hulp van Canada bij de verkiezingen in Irak een pragmatisch voorbeeld van ,,een positief, opbouwend en vooruitziend beleid van samenwerking'' waar de regering-Bush nu op uit is. ,,De beide regeringen zijn overeengekomen om de geschiedenis achter zich te laten,'' zegt hij. ,,De regering-Bush proeft in Canada ook de ontvankelijkheid, met het oog op volgende bezoeken aan Europese hoofdsteden, om te zien op welke terreinen er kan worden samengewerkt.''

Maar hoewel Bush wil vergeven en vergeten, is het de vraag of Canadezen hem een tweede kans willen geven. Echt populair zal de Amerikaanse president nooit worden in Canada, waar de maatschappelijke waarden verschillen van die in de Verenigde Staten. Op binnenlands gebied onderscheidt Canada zich met sociale verworvenheden als algemene gezondheidszorg en met liberale initiatieven als de decriminalisering van marihuanabezit en legalisering van het homohuwelijk. Op internationaal terrein pleit het land, diep beducht voor Amerikaanse krachtpatserij, steevast voor multilateralisme. En in electorale termen is Canada een hemelsblauwe staat; een overgrote meerderheid van de Canadese bevolking hoopte vorige maand op een zege voor de Democraat John Kerry.

,,Onze betrekkingen met de VS stonden op een laag pitje sinds de invasie van Irak,'' zegt Rudyard Griffiths, directeur van het Dominion Instituut, een denktank in Toronto. Uit een opinieonderzoek van dit instituut bleek onlangs dat 78 procent van de Canadese bevolking meent dat de VS zich gedraagt als een schurkenstaat. ,,Canadezen hadden gehoopt dat Bush zou afreizen naar Texas. Nu zitten we in een moeilijke positie: we hebben een buur die we eigenlijk niet mogen, maar we kunnen het ons niet langer veroorloven om hem alleen maar te tolereren. Onze verhouding dient meer te zijn dan een passieve.''

Aan Martin de precaire taak om een balans te vinden tussen het nationale belang van goede betrekkingen en de politieke noodzaak enige afstand te houden van het Amerika van Bush. Het is politiek schadelijk voor een Canadese premier om te worden gezien als beste maatjes met de Amerikaanse president (tenzij die Clinton heet). ,,Canadezen blijven zeer sceptisch over president Bush en voelen zich daar goed bij,'' aldus Griffiths. Bush voedt volgens hem ,,een sluimerend en langdurig anti-Amerikanisme in Canada dat terugvoert tot de antirevolutionaire oorsprong van het land.''

Ongeveer 5.000 demonstranten gaven gisteren in Ottawa blijk van hun afkeer van Bush. Grote ongeregeldheden bleven echter uit. Bush deed de acties af met een grap, refererend aan gunstig gezinden langs zijn route vanaf het vliegveld. ,,Ik zou graag de Canadezen die kwamen zwaaien met alle vijf vingers, willen bedanken voor hun gastvrijheid.''