Beeldhouwer met video

Meer dan dertig jaar waren ze onafscheidelijk, filmmaakster Elsa Stansfield uit Glasgow en fotografe Madelon Hooykaas uit Amsterdam. Als het kunstenaarsduo Stansfield/Hooykaas kenden ze internationale successen met hun video-installaties en sculpturen. Nu moet een van de twee alleen verder. In de nacht van maandag op dinsdag overleed Elsa Stansfield, na een strijd van twee maanden tegen acute leukemie.

Hoewel geboren en getogen in Glasgow en opgeleid in Londen, waar ze film studeerde aan de Slade School of Fine Arts, heeft Stansfield vooral veel betekend voor de Nederlandse kunstwereld. Sinds 1972 werkte ze geregeld met Madelon Hooykaas aan gezamenlijke film- en videoprojecten in Londen en Amsterdam. In 1980 besloot ze zich permanent in Nederland te vestigen. In 1991 werd ze hoofd van de afdeling video/geluid aan de Jan van Eyck Academie in Maastricht.

Omdat Stansfield en Hooykaas al in een vroeg stadium experimenteerden met nieuwe technologieën, worden ze vaak gezien als pioniers van de Nederlandse videokunst. Zelf gebruikten ze die term liever niet. ,,Wij zijn eerder beeldhouwers met hedendaagse middelen'', zei Stansfield vier jaar geleden. ,,We gebruiken videobeelden in een groter sculpturaal geheel.'' De andere elementen in hun vaak monumentale installaties zijn natuurlijke materialen als koper, lood of steen.

Vanaf 1991 richten Stansfield en Hooykaas zich vooral op het maken van sculpturen voor de openbare ruimte. Bekend is hun Abri in de duinen bij Wijk aan Zee, een soort grote zendschotel met daarin een bankje dat uitzicht biedt over duinen en zee. Bezoekers kunnen er, met het schild als beschutting, luisteren naar de versterkte geluiden van wind en branding.

Het werk van Stansfield en Hooykaas is over de hele wereld te zien geweest, bijvoorbeeld op de Documenta van 1987, in het Museum of Modern Art in New York, en op tentoonstellingen in Sydney, Toronto en Tokio. Toch is echte erkenning in Nederland altijd uitgebleven. Waardering was er vooral vanuit het circuit van de nieuwe media en uit de hoek van de vrouwenbeweging, met de toekenning van de Judith Leyster Oeuvreprijs in 1996 als ultieme bekroning.