`Niet-criminele jongeren niet in gevangenis'

Door het langdurig plaatsen van niet-criminele jongeren met ernstige gedragsstoornissen in jeugdgevangenissen handelt het ministerie van Justitie in strijd met het Europees mensenrechtenverdrag.

Dat concludeert de Nationale Ombudsman in een vandaag uitgebracht onderzoek. De ombudsman vindt dat ,,de minister [van Justitie, red.] niet behoorlijk heeft gehandeld''. Hij is ,,tekortgeschoten in het treffen van maatregelen om de problematiek op te lossen''.

Het ministerie van Justitie plaatst jongeren met ernstige gedragsstoornissen vaak tijdelijk in jeugdgevangenissen, omdat er te weinig plaatsen zijn in de behandelcentra waar zij eigenlijk thuishoren. In 2004 ging het om ongeveer 150 jongeren. Die blijven volgens het ministerie gemiddeld 132 dagen in een jeugdgevangenis, maar volgens de ombudsman vaak langer. De ombudsman vindt dat ,,ontoelaatbaar'', vanwege het ontbreken van passend onderwijs en het samenplaatsen met criminele jongeren. De langdurige opvang is in strijd met jurisprudentie van het Europees Hof voor de rechten van de mens. Die luidt dat deze jongeren ,,spoedig'' naar een opvang met ,,educational supervision'' moeten worden overgeplaatst. De plaatsing zonder behandeling is volgens de ombudsman contraproductief: ,,De jongeren worden uit huis geplaatst [...] om problemen of stoornissen te voorkomen, te verminderen of op te heffen.''

Volgens een woordvoerder vindt ook minister Donner (Justitie) dat opvang te lang duurt, maar ,,er zijn geen andere alternatieven''.

De Nationale Ombudsman verwerpt het verweer van Donner dat door het capaciteitstekort in behandelcentra de opvang onvermijdelijk is. Dat tekort is al sinds 2000 bekend, zegt de ombudsman.

Eerder protesteerden kinderrechters en het comité voor de rechten van het kind van de Verenigde Naties tegen het beleid. Een door Donner en staatsecretaris Ross-Van Dorp (VWS) ingestelde werkgroep kwam in juni dit jaar tot de conclusie dat gedragsgestoorde jongeren niet in jeugdgevangenissen thuishoren.