IAEA prijst meewerken van Iran

In de welwillendste resolutie tot dusver heeft de beheersraad van het IAEA gisteren in Wenen waardering uitgesproken voor Irans besluit alle uraniumverrijking op te schorten.

De resolutie werd met algemene stemmen aanvaard. Maar onmiddellijk erna beschuldigde Jackie Wolcott Sanders, de Amerikaanse vertegenwoordiger in de raad, Iran van misleiding en het IAEA van onverantwoordelijk gedrag.

De Amerikaanse regering heeft de afgelopen weken en maanden herhaaldelijk bepleit dat het IAEA, het Internationaal Atoomenergie Agentschap. de kwestie-Iran voorlegt aan de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. Wolcott Sanders liet weten dat de VS dat nu ook geheel alleen kunnen doen. De Amerikanen zijn ervan overtuigd dat Iran aan een kernwapen werkt en noemen Iran te weinig voorkomend in het IAEA-inspectiewerk. Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland hebben gekozen voor diplomatie. Zij bieden technologische steun aan voor goed gedrag.

Resolutie GOV/2004/90 (op www.iaea.or.at), de zesde sinds de zomer van 2003, heeft nauwelijks een kwaad woord voor Iran. Pro forma wordt in herinnering gebracht dat het land het IAEA tot oktober 2003 voor de gek heeft gehouden. Ook is er een kritisch woord over het negeren van eerdere dringende verzoeken om de uraniumverrijking te beëindigen. Maar verder wordt overwegend waardering uitgesproken.

Tot tweemaal toe stelt de beheersraad vast dat Irans besluit om uraniumverrijking op te schorten een vrijwillig besluit is. Iran heeft geen verdragsrechtelijke verplichting dat te doen. We zien het als een vertrouwenwekkende maatregel, aldus de IAEA-raad.

De raad roept de IAEA-inspecteurs op Irans toezeggingen te blijven controleren en verzoekt Iran het zogenoemde additionele protocol te ratificeren. Dat protocol, een uitbreiding van de bestaande verificatie- en inspectie-overeenkomst (safeguards agreement), werd door Iran in december 2003 getekend maar nog niet geratificeerd. Wel handelt Iran geheel volgens het protocol.

De laatste resolutie is een succes voor de Europese diplomatie. Na lange onderhandeligen met Frankijk, Engeland en Duitsland deed Iran twee weken geleden het aanbod al het werk aan uraniumverrijking op te schorten. In ruil daarvoor zou het Europese technologische steun ontvangen en kon Iran een gunstige opstelling in de IAEA-beheersraad verwachten. Nog even dreigden er moeilijkheden toen Iran liet weten 20 gascentrifuges te willen blijven gebruiken voor onderzoek. Uiteindelijk is ook daarvan afgezien. De betreffende centrifuges staan nu onder camerabewaking van het IAEA.

Onduidelijk is hoe lang Iran zijn verrijkingswerk opschort. Een jaar geleden, na een identiek Europees succes, duurde dat maar enkele maanden.