Engelen aan de deur

Onze correspondent in Londen vond met vallen en opstaan zijn weg in de Engelse taal en omgangsvormen. Een korte handleiding.

,,Dus wat jullie eigenlijk zeggen is dat ik al die jaren voor niks heb gezongen.''

Het hoge woord is er uit. Een jaar of wat later dan gebruikelijk. Doortje (9) twijfelde al langer, maar zonder de peer pressure van een Nederlands schoolplein had ze de pijnlijke conclusie steeds voor zich uit geschoven.

Haar klasgenoten geloofden tot voor kort in een reuzenkabouter die elk jaar in een arreslee van de noordpool kwam gevlogen. Het idee. Maar de man uit Sinterklaasland was heilig. Zo heilig dat we een paar jaar met haar voor de grap cadeautjes neerlegden voor de deur van een Londense vriendin, om dan aan te bellen en hard weg te rennen. Zodat haar vriendin zou denken dat de echte Sint het had gedaan.

Het pakjesavondritueel met surprises, gedichten en (geïmporteerde) erwtensoep blijft natuurlijk van een hogere orde dan het leegschudden van die gevulde sok op kerstochtend. En toch voelt het nu alsof de kabouter heeft gewonnen (Ho-ho-ho, lacht hij). Want de mythe van de sint was ook een bastion tegen het comsumptieoffensief dat elk jaar al begin november op volle sterkte losbarst met laserstralen in Oxford Street, de firma Mattel die de tv heeft gekaapt, en een lawine van glossy krantensupplementen met verplichte hebbedingetjes.

En toch horen er bij een Britse kerst een paar dingen waarvan ik niet wist dat ze zo leuk waren en die we nog lelijk gaan missen, gesteld dat we hier ooit zouden vertrekken. Om te beginnen de theatertraditie. Zoals de panto's, die elke kerstvakantie worden opgevoerd: kluchtige sprookjes als Jack and the Beanstalk, Assepoester en De gelaarsde kat met hun cast van goeden, slechten, jonkvrouwen in travestie en toneelpaarden. En waarbij het publiek moet mee-boo'en en hissen en ,,He's behind you!'' roepen.

Kerstmusicals zoals Oliver!, naar Dickens' Oliver Twist, horen er ook bij en niet alleen op de planken. Als de supermarkt rond kerst adverteert met Food, Glorious Food! neuriet iedereen er onwillekeurig ,,hot sausage and mustard!, while we're in the mood, cold jelly and custard!'' achteraan. En als de krant schrijft dat Oliver Letwin, de Tory-woordvoerder van Financiën, wil bezuinigen, kan dat gerust onder de kop Oliver wants less. De eerste woorden van de musical-Oliver zijn immers bezonken cultuurgoed: ,,I want more!''.

Kerstliederen ben ik ook pas hier gaan waarderen. Niet zozeer het zoetsappige Stille nacht, als wel de Engelse kerstliederen, ergens halverwege psalm en strijdlied: O come all ye faithful en Hark the herald angels sing. Kinderen gaan ermee langs de deur, om er geld mee op te halen. Geïmproviseerde koortjes en de semi-profs van het Leger des Heils zingen ze op straathoeken. En mijn zoon zingt ze elk jaar met het koor van zijn school tijdens de carol service van de kerk in ons Londense dorp. Niet dat die jongens allemaal in God geloven, laat staan in dezelfde, maar misschien is het juist daarom wel zo'n geruststellend evenement. Eventjes lijkt de wereld overzichtelijk. Met collecte voor de kinderen van Soedan na.

Dat zal ik ook missen: het liefdadigheidsoffensief van de kerst. In het begin vonden we het schandalig dat de openbare lagere school bijvoorbeeld te weinig geld had om boeken te kopen en dat de ouders moesten bijspringen, via de omweg van taarten bakken en verkopen tijdens de kerst-tea. Nu twijfel ik. Want die extra boeken zijn er, en dat hebben we helemaal zelf gedaan. Sentimenteel? Zeker. Nou ja, een paar weken dan.

Over twee weken: slot