Een soort Esperanto voor omgangsvormen

Duidelijk is dat er bij het veelbesproken handenschudincident sprake is van een botsing van normen. Merkwaardig is dat veel ingezonden-stukjes-schrijvers (onbewust) de religieuze norm stellen boven de publieke fatsoensnorm die minister Verdonk in acht nam. Dat de opvatting van deze inzenders onhoudbaar is volgt rechtstreeks uit de vraag hoe te handelen in een situatie met twee verschillende religies met onderling onverenigbare normen (bijvoorbeeld tussen een moslim en een boeddhist). Het antwoord is natuurlijk dat we moeten beschikken over een soort Esperanto van de norm. Deze wordt gebruikt bij interreligieuze contacten, dus ook bij contacten tussen een religieus en een niet-religieus persoon. Alleen binnen een zelfde religie kan de religieuze norm worden aangewend. Zulk een Esperanto hoeft natuurlijk niet bedacht te worden, daar dit reeds lang bestaat. Het zijn de al eeuwen gebruikelijke publieke omgangsvormen die hun waarde in het maatschappelijk verkeer ruimschoots hebben bewezen. Ook het handen schudden hoort daarbij. Verdonk handelde dus juist.