Celstraffen voor ex-top van Landis

Twee oud-bestuurders van telecombedrijf Landis zijn veroordeeld tot een celstraf van drie maanden. Het is voor het eerst dat Nederlandse bestuurders van een beursgenoteerd bedrijf gevangenisstraf krijgen.

De rechtbank van Amsterdam acht bestuursvoorzitter Paul K. en voormalig financieel directeur John B. van het inmiddels bankroete Landis schuldig aan valsheid in geschrifte en het indienen van een onjuiste belastingaangifte.

Dat gebeurde in het kader van een aandelenoptieregeling waarbij overeenkomsten werden geantedateerd. Hierdoor werden personeelsopties, die recht geven om aandelen te kopen, te goedkoop verstrekt. Ook werd er te weinig belasting, naar schatting 3 ton, afgedragen. De bestuurders zijn ieder veroordeeld tot een celstraf van zes maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk en een boete van 20.000 euro.

De rechtbank zegt geen geloof te hechten aan de verklaring die de voormalige topman van Landis gaf voor de gewijzigde data van optiecontracten. Hij kwam, samen met de financieel directeur, in ,,een zeer laat stadium'' met een nieuwe verklaring hiervoor. K. zei dat overeenkomsten uit januari 1999 een verbeterde versie waren van eerder ondertekende contracten uit oktober 1998.

Ook andere voormalige bestuurders en commissarisen van Landis zijn gisteren veroordeeld. Oud-lid van de raad van bestuur Alex O. kreeg een werkstraf van 120 uur. De toenmalige leden van de raad van commissarissen zijn eveneens ieder veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur.

Voormalig commissaris Adrienne V. was tot 1999 senator voor D66 en is tegenwoordig advocate te Amsterdam en lid van het College van Toezicht op de Kansspelen. De rechtbank acht haar schuldig aan het medeplegen van valsheid in geschrifte.

Volgens de rechtbank hebben de commissarissen onvoldoende toezicht uitgeoefend terwijl dit wel hun taak was en ook hebben zij voor zichzelf en andere managers contracten geantedateerd. Volgens de rechtbank is niet gebleken ,,dat zij met de vereiste nauwgezetheid invulling aan hun functie hebben gegeven''. Bovendien schuwden zij volgens de rechter niet ,,ook zelf een graantje mee te pikken''.

De rechtbank acht de commissarissen niet schuldig aan betrokkenheid bij het indienen van een onjuiste belastingaangifte.