`Hockeyers Rotterdam hebben weer hersens'

Hockeyclub Rotterdam sloeg een belangrijke slag in de strijd om promotie naar de hoofdklasse. In de winterstop komen nog twee Pakistanen bij de selectie.

Twee weken geleden maakte hij een vreugdedansje op het terras van het clubhuis. Concurrent Hurley had in Boxtel twee punten laten liggen bij `het altijd lastige MEP', en dus balde de voorzitter Jan Hagendijk van Rotterdam, na de eigen 5-2 zege op Alkmaar, triomfantelijk de vuisten. ,,Yes!'' Het eerste gaatje was geslagen.

Dat gaatje werd een gat, toen Hurley vorige week onderuit ging tegen Push (0-3), en groeide gisteren uit tot een kloof van acht punten, nadat de koploper uit de overgangsklasse A in een rechtstreeks duel had afgerekend met de achtervolger uit Amsterdam: 3-2. Al na één competitiehelft kan de grootste club van Nederland (2.200 leden) zich daardoor opmaken voor de promotieplay-offs (best-of-three). Tegenstander daarin is vermoedelijk HC Eindhoven, lijstaanvoerder in `B' die eveneens is uitgerust met het in de overgangsklasse onmisbare wapen: routine. Het jeugdige (gemiddelde leeftijd 21 jaar) Hurley mag proberen die stelling te ontkrachten.

Uitgerekend Jasper Stoter stond gisteren met twee treffers aan de basis van de zege. Dat was een overwinning op zich. De van Laren overgekomen spits had zich de voorbije weken niet bijster populair gemaakt bij zijn nieuwe club: zijn trainingsijver liet te wensen over. De technische staf moest praten als Brugman om de behendige aanvaller tot inkeer te brengen.

Met succes, bleek gisteren onder de rook van vliegveld Zestienhoven, waar de thuisploeg andermaal bewees lering te hebben getrokken uit het verleden. Dacht Rotterdam twee jaar geleden nog zonder noemenswaardige `aankopen' te kunnen overleven in de hoofdklasse, ditmaal laat de club niets aan het toeval over. Drie vorig jaar al vastgelegde buitenlanders (de Australiër Murray Richards en de gebroeders Rob en Peter Short uit Canada) kregen deze zomer gezelschap van Peter Taylor (Australië), Connor Grimes (Canada) en Stoter.

Tel daarbij enkele jeugdige talenten en het resultaat is volgens Martijn Schakel om van te watertanden. ,,Met afstand de beste ploeg die Rotterdam ooit heeft gehad'', zegt de oud-speler. Dat weet ook voorzitter Hagendijk, die grijnzend op zijn slaap wijst zodra hem gevraagd wordt in welk opzicht de mannenploeg is gegroeid: ,,Rotterdam heeft weer hersens.''

Het beste moet nog komen, want in de winterstop sluiten twee Pakistaanse internationals zich aan bij de selectie: strafcornerschutter Sohail Abbas (27) en spelmaker Waseem Ahmad (27). Met dank aan Amsterdam-voorzitter Jons Hensel, die beide routiniers `doorsluisde' naar de Maasstad omdat hij zelf zijn selectie al rond had. Bovendien is hij door schade en schande wijs geworden. Toen hij zijn oogappel Abbas ruim vier jaar geleden tussentijds `invloog' vanuit Pakistan, kwam hem dat op een storm van kritiek te staan. Sindsdien werkt Hensel alleen nog met spelers die een heel seizoen beschikbaar zijn. En dus ving de Indiase balvirtuoos Gagan Ajit Singh afgelopen zomer bot in het Wagener-stadion.

In die luxe-positie bevindt Rotterdam zich niet. Hagendijk: ,,We konden ze nu krijgen, dat wil zeggen in de winterstop, of helemaal niet. Ja, dan is de keuze snel gemaakt.'' De tweede seizoenshelft geeft coach Aalbregt de kans naar hartelust te experimenteren, en geldt nu al als een aangeklede voorbereiding op de rentree in de hoofdklasse.

Maar hoe verstandig is het om halverwege het seizoen twee spelers uit het buitenland in te passen? In een vriendenploeg, die bovendien steeds beter op elkaar raakt ingespeeld? `Never change a winning team' weet assistent-coach Bart Looije. Maar in tegenstelling tot Schakel durft de oud-doelman zijn vingers wél te branden aan ,,de grote hamvraag''. Op diplomatieke toon: ,,Tussentijds spelers inpassen is lastig, maar het zijn twee klasbakken, dus dat maakt de klus iets eenvoudiger: de beste corner ter wereld en the brains van Pakistan.''

Looije had zijn bedenkingen, maar zegt zich inmiddels verzoend te hebben met de komst van het duo. ,,Omdat het om een voor Rotterdam-begrippen gigantisch bedrag gaat, was mijn eerste reactie: dat geld kunnen we beter besteden. Maar het komt voor rekening van externe geldschieters, die dat puur en alleen doen vanwege die Pakistanen. In dat licht bezien, plus het feit dat ze de intentie hebben uitgesproken om 2,5 jaar te blijven, zeg ik: aan die gasten kan Rotterdam nog veel plezier beleven.''

Hagendijk helpt het Looije hopen. Hij stak immers zijn nek uit, na een jaar waarin Rotterdam leergeld (,,Al vind ik dat een rotwoord'') betaalde. Ten eerste wisten de mannen de `schande' van de degradatie niet binnen één seizoen weg te poetsen, ten tweede was daar de revolte bij de vrouwen, die coach Franklin Dikmoet en diens assistent Schakel de kop kostten. Hagendijk rekende resoluut af met de `opstandige elementen', die een jaar daarvoor al met succes aan de stoelpoten van Dikmoets voorganger Donald Drost hadden gezaagd.

Toch stond niet iedereen te juichen, zeker niet toen bleek dat drie spelbepalende speelsters `overliepen' naar stadgenoot Victoria. Hagendijk: ,,Ik heb links en rechts flink wat vragen en opmerkingen voor m'n voeten gekregen. Hoort erbij, maar leuk was anders.'' Voorlopig is de kritiek verstomd, want de veredelde jeugdploeg onder leiding van oudgediende Gijs van Heumen presteert tot dusverre boven verwachting. Hagendijk hoopt volgend seizoen hetzelfde te kunnen zeggen van de mannen.