Gym op school?

Om zwaarlijvigheid en gebrek aan beweging van jonge kinderen tegen te gaan wil VVD-Kamerlid Jan Rijpstra het bewegingsonderwijs op basisscholen in handen geven van gekwalificeerde leerkrachten. Een goed plan?

Gert-Jan Verbeek, trainer voetbalclub Heerenveen, volgde een CIOS-opleiding: ,,Een heel goed plan. De bekwaamheid en bereidheid om een goede gymles te geven is er vaak niet bij leraren (volgens Rijpstra doen onderwijzers gym er vaak `bij', red.). Ze kunnen geen leuke les aanbieden omdat ze geen verstand van zaken hebben. Dus stranden ze vaak op eenvoudige bewegingsvormen. Als je kinderen wilt motiveren om te bewegen heb je expertise nodig en moet je fulltime sportleraren aanstellen. Je kunt CIOS-leerlingen met een keuzevak inschakelen. Zij hebben moeite een baan te vinden in de sport. Het betaalt zichzelf terug als je kijkt naar het ziekteverzuim en de dikke kinderen.''

Cees Vervoorn, directeur Academie Lichamelijke Opvoeding (ALO) in Amsterdam: ,,Als ALO zijn wij het eens met dit plan. Het gaat erom bewegingsonderwijs weer een goede plek te geven in het onderwijs. Het vak gym staat niet meer vast op het curriculum. Gecombineerd met de toenemende zwaarlijvigheid van kinderen kan dat over een aantal jaren tot onwenselijke situaties leiden. De bewegingsarmoede van jonge kinderen heeft ook gevolgen voor de sport. Ik ben voor het verplicht stellen van drie uur gym per week en het aantrekken van goed opgeleide docenten. Vakleerkrachten van de ALO's en MBO's moeten de koppeling maken naar de buurt en de sportclubs. Als je het gymonderwijs zelfstandig onderbrengt (Rijpstra wil de financiering ervan weghalen bij de scholen; regionale instituten leveren samen met ALO's en MBO's vakleerkrachten, red.) doet dat recht aan de deskundigheid. Vakleerkrachten kunnen kinderen op een verantwoorde wijze introduceren in een sport.''

Pauline van den Boom, locatieleider Boerhaave van Utrechtse basisschool De Boemerang: ,,Ik ken het probleem van te weinig bewegende kinderen. Op mijn school neemt de zwaarlijvigheid toe. Ouders stimuleren hun kinderen niet om lid te worden van een sportclub. Vaak is het een financiële kwestie. Sportclubs zijn duur. Ik ben voor het aanstellen van vakleerkrachten, maar dan heb ik wel een ander budget nodig. Anders kan ik het niet betalen. Wil Rijpstra het geld weghalen bij de scholen? Het rijk wil juist een geldpot voor elke schooldirecteur, waarvan ook de gymleraar wordt betaald. Ik ben benieuwd hoe Rijpstra dat allemaal wil regelen. Het lijkt me niet eenvoudig.''

Truus van der Gugten, secretaris Koninklijke Vereniging van Leraren Lichamelijke Opvoeding (KVLO): ,,De Rijksvergoeding voor vakleerkrachten is afgeschaft. Scholen krijgen nu een geldpot en bepalen zelf wat ze ermee doen. Voor niet-deskundige leraren is gym een griezelig vak. Ze kunnen kinderen geen uitdaging bieden. Het zijn geen vaklui en ze vermijden risico's. Daardoor krijgen kinderen tijdens gym onbenullige dingen als zakdoekje leggen. Jammer, want in het basisonderwijs moet de basis worden gelegd voor motorische vaardigheden van jonge kinderen. Anders ben je te laat. De KVLO pleit al lang voor vakleerkrachten bij gymonderwijs.''

Rudy Langen, teamleider MBO-opleiding Sport en Bewegen (voorheen CIOS) Drenthe College: ,,Een fantastisch plan. Het is hoog tijd dat er iets verandert. De PABO-leraren hebben zoveel taken dat ze niet voldoende tijd en aandacht hebben voor gymles. Vakleerkrachten zijn een must, want scholen hebben de functie van aanjagers om kinderen meer te laten bewegen. De vraag van leerlingen is nu niet afgestemd op het aanbod. Met vaklui kun je meer differentiatie in gymlessen aanbrengen en de kinderen beter motiveren. Onze leerlingen van niveau 4 kun je prima inzetten als leraarondersteuner bij de gymlessen. Onze leerlingen staan te trappelen. Er is al beweging. Onze school werkt samen met basisscholen. Onder supervisie van onze docenten doen eerstejaars al praktijkervaring op. Basisscholieren krijgen zo een ruimer bewegingsaanbod.''